Windows Azure krijgt vier smaken

24 november 2009
8,52 eurocent per uur computeren, 10,64 eurocent per gigabyte opslag per maand, 0,71 eurocent per 10.000 opslagtransacties, 7,1 eurocent voor het uploaden van 1 gigabyte en 10.64 eurocent voor downloaden van die hoeveelheid. Dat is het minimumtarief waarvoor men in Nederland gebruik kan maken van Microsofts cloudplatform Azure.

Windows Azure wordt op 1 januari 2010 operationeel. Wie meteen instapt, kan een maandje gratis ruiken aan de Microsoft-cloud. Men krijgt wel een rekening, om te laten zien wat het kost, maar die hoeft men niet te betalen.

Anders dan tot nog toe bekend was, blijkt Microsoft zijn clouddiensten in vier maten aan te bieden: small, medium, large en extra large. Het verschil zit in de gegarandeerde hoeveelheid processorkracht en geheugen. Het maatje ‘klein’ garandeert de beschikbaarheid van 1 processor 1,6 gigahertz- met 1,75 gigabyte geheugen. Bij ieder maatje groter wordt dat een factor 2 meer, tot 8 processors met 14 gigabyte geheugen bij Extra Large.

Ook de prijs per uur computertijd verdubbelt met iedere maat groter, naar respectievelijk 17,03 eurocent, 34,05 eurocent en 68,09 eurocent. Wie gebruik wil maken van de cloudversie van de SQL Server-database, moet daar apart voor betalen. De webeditie, met een opslagcapaciteit van maximaal 1 gigabyte, kost 7 euro en 8,5 cent per database per maand, de Business Edition, met 10 gigabyte, 70 euro en 91,3 cent per database per maand.

Microsoft heeft ook speciale aanbiedingen. Bedrijven die een abonnement op MSDN hebben, kunnen er bijvoorbeeld ook voor kiezen voor een vast bedrag per maand gebruik te maken van Azure. Meer details vindt men op de Windows Azure-website.

Bij de afname van computertijd garandeert Microsoft een beschikbaarheid van 99,9 procent. Die garantie geldt echter niet voor de kleinste maat. De maat small onderscheidt zich ook doordat die geen hoge input/output-bandbreedte biedt.

Microsofts prijzen zijn aan de hoge kant. Het bedrijf rechtvaardigt die wat hogere prijsstelling vooral met het feit dat Microsoft zijn klanten de werkzaamheden bij het opschalen van de verwerkingsomgeving volledig uit handen neemt. Daarnaast wijst Microsoft op het ontwikkelaarsgemak: met name voor .Net-ontwikkelaars is de stap naar de Azure heel erg klein, en met App Fabric biedt Microsoft bouwblokken waarmee ontwikkelaars basisfunctionaliteit in hun toepassingen kunnen opnemen. Dat kost overigens wel extra: 10,64 eurocent per 10.000 verwerkte berichten voor gebruik van de Service Bus met bouwblokken, en nog eens zo’n bedrag wanneer men ook van de module voor toegangscontrole gebruik wil maken.

Overigens moet men er wel rekening mee houden dat bestaande applicaties niet zonder aanpassingen onder Windows Azure draaien. Later in 2010 wordt dat wel mogelijk, als Microsoft de Virtual Machine Role bij Windows Azure introduceert. Voor het zelf ontwikkelen van applicaties biedt Microsoft wel een ruime keus. Behalve van Microsoft-gereedschappen kan men ook gebruik maken van Eclipse, Java, MySQL, PHP en ZendFramework.

Klanten kunnen wel zelf invloed uitoefenen op de regionale spreiding van hun gegevens in Microsofts cloud. In Europa komen er twee rekencentra voor het bedienen van Azure-klanten, één in Ierland en één in Nederland. Men kan zelf aangeven welk van de rekencentra gebruikt mogen worden.

Lees meer over
Reactie toevoegen
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.