Innovatie & Strategie

Security
onmogelijk

Grapperhaus wil sterke encryptie én (aandacht voor) achterdeur

Justitie-minister ontkent te pleiten voor verzwakking van encryptie.

© Pixabay CC0 Public Domain
17 december 2019

Justitie-minister ontkent te pleiten voor verzwakking van encryptie.

"Ik heb niet gepleit voor het verzwakken van encryptiesoftware. Zie verder het antwoord op vraag 4", antwoordt minister Ferd Grapperhaus van Justitie en Veiligheid in antwoord op Kamervragen. De bewindsman die voor een backdoor in versleutelde communicatie is, zegt zich te houden aan het kabinetsstandpunt uit 2016, wat sterke encryptie voorstaat. Toch wil Grapperhaus "oplossingen", waar hij 'aandacht voor vraagt'.

De minister schrijft in zijn formele antwoorden op Kamervragen dat hij níet pleit voor het verzwakken van encryptiesoftware. Dit in reactie op de vraag van Kamerlid Kees Verhoeven: "Bent u bereid te stoppen met pleiten voor het verzwakken van encryptiesoftware?". Grapperhaus verwijst in zijn korte ontkenning op dit punt door naar zijn uitgebreidere antwoord op de vierde vraag waarin Verhoeven de tegenstrijdigheid aansnijdt van het kabinetsstandpunt uit 2016 en het streven naar afzwakken van encryptie.

Backdoor, belangen en beleid

Het officiële standpunt van het Nederlandse kabinet is dat sterke encryptie van belang is "voor de veiligheid op internet, ter ondersteuning van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van burgers, voor vertrouwelijke communicatie van overheid en bedrijven, en voor de Nederlandse economie". Daarbij heeft het kabinet zich gelijk ook uitgesproken tégen "beperkende wettelijke maatregelen ten aanzien van de ontwikkeling, de beschikbaarheid en het gebruik van encryptie binnen Nederland".

Grapperhaus noemt in zijn antwoord op vraag 4 nu dat het kabinetsstandpunt ook wijst "op het belang van het (tijdig) verkrijgen van inzicht in de communicatie ten behoeve van de bescherming van de nationale veiligheid en de opsporing van strafbare feiten". In eerdere beantwoording van Kamervragen van Verhoeven heeft de Justitie-minister gewezen op het feit dat het minder vaak mogelijk is om onversleutelde gegevens op te vragen bij dienstverleners.

Dat betreft dan aanbieders van communicatiediensten, die meer en meer overgaan op end-to-end encryptie waardoor ook zij zelf geen toegang hebben tot de inhoud van berichten. "In toenemende mate worden bij moderne toepassingen van encryptie de gegevens nog slechts in versleutelde vorm door dienstverleners verwerkt." Dit kan opsporing bemoeilijken en dus pleiten diverse partijen wereldwijd voor bijvoorbeeld overheidsexclusieve backdoors in encryptie. Dat komt echter neer op fundamentele verzwakking van versleuteling en daarmee ondermijning van legitiem, dan wel legaal gebruik.

'Kijken naar internationale oplossing'

"De diverse betrokken belangen staan in bepaalde gevallen met elkaar op gespannen voet", erkent Grapperhaus. Terwijl hij officieel ontkent dat hij pleit voor het verzwakken van encryptie, lijkt de minister toch vóór een backdoor te zijn. Hij stelt dat het "voor dergelijke gevallen" nodig is om "oplossingen te vinden die
recht doen aan deze belangen en/of waarbij deze belangen zorgvuldig zijn gewogen". De Nederlandse minister schrijft dat hij daarvoor aandacht heeft gevraagd.

Grapperhaus benadrukt dat hij ernaar streeft om de door hem gewenste oplossingen te realiseren "binnen de kaders van het kabinetsstandpunt", maar dat die oplossingen dan ook "recht doen aan de belangen van de opsporing en de nationale veiligheid". Dit hoeft dan dus niet maatregelen binnen of door Nederland te betreffen, geeft hij nu aan: "Daarbij acht ik het onder meer van belang te bezien of een internationale oplossing mogelijk is." Grapperhaus heeft begin deze maand werkoverleg gehad met zijn Amerikaanse collega William Barr, die vóór backdoors in encryptie is.

Lees meer over Innovatie & Strategie OP AG Intelligence
Reactie toevoegen
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.