Management

Privacy
Big data

Vertrouwenscrisis in tech

Veiligheidsgevoel gaat veel verder dan bescherming tegen hackers.

© CC BY 2.0 - Flickr.com KamiPhuc
22 februari 2019

De keerzijde van een wereld vol Internet of Things is de schending in het vertrouwen die hiermee gepaard gaat. En hoewel we maar al te graag hackers de schuld geven van ons wantrouwen, is de werkelijkheid een stuk gecompliceerder dan dat.

Waar hebben we het precies over, wanneer we praten over vertrouwen in technologie? In onze onlinewereld is vertrouwen gebaseerd op twee dingen: veiligheid en privacy. Dus, kunnen we er als individu op vertrouwen dat het apparaat dat we gebruiken - of het nu een smartphone, een slimme thermostaat of een connected auto is - echt veilig is? Geloven we eigenlijk wel dat onze persoonlijke gegevens niet worden gebruikt of verkocht zonder onze toestemming?

De discussie over veiligheid en privacy wordt in alle hevigheid gevoerd, en veel CEO’s en andere leiders voeren hierin het hoogste woord. Je kunt geen krant openslaan of je leest er iets over en de een na de andere conferentie over het topic schiet uit de grond. Maar alle gesprekken ten spijt; vertrouwen bouw je op door te doen, en niet door te praten. Vertrouwen moet je verdienen, en moet worden ondersteund met bewijs.

Het antwoord op de crisis is simpel. Onze individuele data moet weer van ons zijn, en daarbij moeten we de keuze hebben hier zelf aan te willen verdienen of de data eventueel op een andere manier te willen benutten. Wanneer bedrijven winst boven ethiek stellen, wordt juist dat een probleem.

Eigendom van persoonlijke gegevens

De oplossing ligt dus in handen van de overheden. Zij hebben tenslotte de macht om wetgeving in te voeren die het eigendom van persoonlijke gegevens weer aan ons teruggeeft. Om de privacykwestie meteen grondig aan te pakken, moet de koe bij de horens worden gevat door de wet zo in te richten dat persoonsgegevens proactief worden beschermd. Met alleen reactief sancties opleggen aan bedrijven wanneer het fout gaat, los je structureel niks op.

Het is de economische, sociale en ethische verantwoordelijkheid van leiders in de technologiewereld om veiligheid en privacy in de ontwerpfase, dus by design, in hun producten te integreren. Dat is niet veel gevraagd. Het vereist dat producten een vorm van beveiliging in elke laag van het ontwerp hebben, zonder achterdeurtjes. Daarnaast moet worden gerespecteerd dat persoonlijke gegevens precies dat zijn: persoonlijk. Deze gegevens moeten op een transparante manier zijn verkregen, niet zonder toestemming worden gebruikt en er mag op geen enkele manier van worden geprofiteerd.

Data is winst

Data wordt momenteel door veel spelers in de technologie-industrie blindelings geassocieerd met winst. Een aanpassing in deze denkwijze betekent dus ook een verandering in de bedrijfsmodellen. Maar een nieuwe vertrouwensbasis kan juist leiden tot wederzijdse verduurzaming tussen de industrie en de eindgebruikers. Immers, tussen vertrouwen en BBP is een aantoonbare sterke correlatie. Hoe groter het vertrouwen in technologie, hoe groter deze onderlinge relatie.

De voordelen van een wereld die steeds meer connected is, zijn enorm. Ziektes kunnen eerder worden opgespoord en behandeld, ontwikkelingslanden kunnen groeien en nog veel meer toepassingen die nog niet eens zijn onderzocht of gedefinieerd kunnen worden uitgerold. De machthebbers zijn nu aan zet om het vertrouwen tussen mens en technologie op een geloofwaardige manier te herstellen en op te bouwen, zodat we eruit kunnen halen wat erin zit.

De technologiesector weet dat er grote kracht zit in eenvoud. Laten we deze zelfde wijsheid ook toepassen op de privacy van gegevens.

Reactie toevoegen