Loopbaan

Carriere
Zoeken naar werknemers

Begroting '23: Zo wil het kabinet het tekort op de (IT-)arbeidsmarkt oplossen

Inzet op digitale vaardigheden, om- en bijscholing en meer uren werken. 

20 september 2022

Inzet op digitale vaardigheden, om- en bijscholing en meer uren werken. 

Het tekort op de IT-arbeidsmarkt is aanzienlijk en ook in andere sectoren is inmiddels sprake van een flink personeelstekort. Het kabinet presenteerde daarom in de Miljoenennota 2023 diverse plannen om de krapte aan te pakken, zowel binnen "de ICT-sector" als daarbuiten. 

Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) wil samen met de ministeries van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) de tekorten aan technici en ICT'ers terugdringen, zo schrijft EZK in zijn begroting voor 2023. Dat doet het kabinet middels het Actieplan Groene en Digitale Banen, dat afgelopen zomer al aangekondigd werd. "Doel is om met het aanvalsplan tot aanvullend beleid te komen. De afgelopen jaren zijn reeds veel initiatieven en flinke regelingen van de grond gekomen om Leven Lang Ontwikkelen (LLO), de van werk naar werk infrastructuur en scholing te stimuleren. Desondanks zijn er zo’n 100.000 structureel moeilijk vervulbare vacatures in techniek en ICT. Nieuw beleid is nodig om de genoemde transities niet vast te laten lopen door personeelstekorten."

In het actieplan wordt gekeken naar verschillende oplossingen die mogelijk kunnen bijdragen aan het aanpakken van het tekort. Denk aan onderzoek naar het tegengaan van genderstereotypering en het aanspreken van nieuwe doelgroepen. Daarbij is ook aandacht voor de rol van de werkgever.

'Arbeidsmarkt past zich niet voldoende aan'

EZK ziet echter ook een kans in de arbeidsmarktkrapte: "Door voortvarend aan de slag te gaan met digitalisering en andere technologische vernieuwing kunnen we onze productiviteit verhogen, en daarmee onze welvaart. De vindingrijkheid van bedrijven is hierbij onmisbaar."

Ook het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid gaat in zijn begroting uitgebreid in op de tekorten op de arbeidsmarkt, al wordt het tekort aan ICT'ers daar minder expliciet benoemd. Volgens SZW hebben die personeelstekorten in ieder geval te maken met het feit dat het aantal mensen dat kan en wil werken nauwelijks stijgt, terwijl het aantal vacatures wel blijft stijgen. "Onder meer demografische ontwikkelingen liggen hieraan ten grondslag. De arbeidsmarkt past zich nog niet voldoende aan", aldus SZW. "Om die redenen ziet het kabinet een duidelijke rol voor de overheid in het aanpakken van krapte, zowel in haar rol als werkgever in sectoren als de zorg en het onderwijs, als door overkoepelend beleid om krapte tegen te gaan." Daarnaast is er ook een rol weggelegd voor werkgevers en werkenden, zo benadrukt het ministerie. 

Is het genoeg?

Het kabinet heeft diverse plannen opgesteld om de personeelstekorten aan te pakken. Maar is het genoeg om de krappe IT-arbeidsmarkt van wat lucht te voorzien? Experts reageren woensdag 21 september bij AG Connect op de plannen van het kabinet.  

Om de krapte aan te pakken zet het kabinet in ieder geval in op het verminderen van de vraag naar arbeid, het vergroten van het arbeidsaanbod en het verbeteren van de match tussen vraag en aanbod. Zo gaat het kabinet innovatie meer stimuleren, evenals meer uren werken. Verder wordt er ingezet op Leven Lang Ontwikkelen (LLO) en wil het kabinet de aansluiting verbeteren tussen initieel onderwijs en de arbeidsmarkt. "Het kabinet onderzoekt, in aanvulling op bovenstaande acties, onorthodoxe maatregelen om personeelstekorten terug te dringen."

Minder flexibel, meer vast

Het kabinet wil bijvoorbeeld het aangaan van duurzame arbeidsrelaties stimuleren, zodat werkenden meer werk- en inkomenszekerheid ervaren. Daarmee probeert het kabinet de flexibilisering van de arbeidsmarkt dus verder terug te draaien. "Een vaste baan heeft zowel voor de werknemer als werkgever voordelen. Het loont voor hen in elkaar te investeren", zegt SZW hierover. "Andere contractvormen worden waar dat nodig is beter gereguleerd, zodat ze niet meer gebruikt kunnen worden om te concurreren op arbeidsvoorwaarden. Daarbij dient werkgeverschap aantrekkelijk te zijn en behouden ondernemingen wendbaarheid om te anticiperen op veranderende omstandigheden. Het kabinet werkt aan maatregelen die bijdragen aan die ambitie."

Ook wil het kabinet "echte zelfstandigen de ruimte geven en ondersteunen", terwijl schijnzelfstandigheid wordt tegengewerkt. "Zelfstandig ondernemerschap levert een belangrijke bijdrage aan de economie maar kent ook keerzijden. De kwetsbare positie van zelfstandigen is tijdens de coronacrisis extra zichtbaar geworden." Het kabinet werkt aan een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen, "die zo wordt vormgegeven dat oneerlijke concurrentie en te grote inkomensrisico’s voor zelfstandigen worden voorkomen". 

Om schijnzelfstandigheid tegen te gaan, moet onder meer duidelijkheid komen rondom de beoordeling van arbeidsrelaties. Daarnaast moet de handhaving geïntensiveerd worden.

Meer geld voor permanente scholing

Het kabinet wil verder dat mensen nieuwe kennis en vaardigheden opdoen, zodat ze kunnen bijdragen aan "de grote opgaven van onze maatschappij". "Door mensen uit te dagen zich te blijven ontwikkelen, verhogen we hun kans op het behoud of krijgen van werk. Een sterke ontwikkelcultuur binnen bedrijven en organisaties is daarvoor cruciaal." 

Om deelname aan Leven Lang Ontwikkelen te stimuleren wordt extra ingezet op leerrechten via het STAP-budget en aanvullend beleid. "Niet alle groepen in de samenleving nemen even veel deel aan scholing. Het kabinet stelt daarom meer scholingsbudget beschikbaar voor mensen die minder initieel onderwijs hebben gevolgd en daardoor een kwetsbaarder positie op de arbeidsmarkt hebben." Vanuit het coalitieakkoord is vier keer 125 miljoen voor 2023 tot en met 2026 extra beschikbaar gesteld voor het bevorderen van permanente scholing, dat wordt toegevoegd aan de STAP-regeling. "Per 2023 zal het eerste deel van de aanvullende middelen beschikbaar komen voor mensen die maximaal een mbo-diploma hebben op niveau 4. Naast extra middelen zal er ook aanvullend beleid ingezet worden om deze groep extra ondersteuning te bieden."

Wie aan het werk wil of zijn baan dreigt te verliezen, kan tegenwoordig bovendien terecht bij een regionaal mobiliteitsteam. Die teams werden tijdens de pandemie opgericht en bieden advisering, scholing en banen. Het kabinet wil die teams ook in 2023 behouden. "Het is een regionale voordeur, waarachter tal van partijen (publiek en privaat) samenwerken. De teams zijn er voor alle burgers, dus ook voor mensen die voorheen niet of nauwelijks recht hadden op begeleiding, zoals niet-uitkeringsgerechtigden en zelfstandig ondernemers."

Daarnaast wil het kabinet meer mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt naar werk gaan begeleiden. "Daarom willen we de Participatiewet wijzigen, zodat deze meer aansluit bij de behoeften en mogelijkheden van de mensen om wie het gaat. Daarnaast maakt het wetsvoorstel het voor werkgevers eenvoudiger om deze mensen in dienst te nemen en te houden."

Mensen behouden, diversiteit stimuleren

Om mensen aan het werk te houden, wordt bijvoorbeeld ook aandacht besteed aan de aanpak van burn-outklachten aan de hand van een Brede Maatschappelijke Samenwerking Burn-outklachten (BMS). "De ambitie van de BMS is om de opwaartse trend van het aantal werkenden met burn-outklachten te keren." Ook wordt gekeken naar de toekomst van hybride werken. Daar moet in 2023 een beleidsagenda voor worden uitgewerkt, met als doel de voor- en nadelen van thuiswerken te balanceren. 

In het kader van het beter combineren van arbeid en zorg wordt ook fors geïnvesteerd in een stelselwijziging van de kinderopvang. "We kiezen voor een hoge inkomensonafhankelijke vergoeding van 96% voor alle werkende ouders en de toeslag wordt direct uitgekeerd aan kinderopvanginstellingen. Ouders betalen alleen nog een beperkte eigen bijdrage", aldus SZW. "De krapte op de arbeidsmarkt onderstreept het belang van goede kinderopvang, omdat het ouders in staat stelt te werken."

Jong beginnen: digitale vaardigheden

Tot slot investeert ook het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) in de toekomst van de IT-arbeidsmarkt en een meer digitale samenleving, door meer in te zetten op digitale geletterdheid. Zo werd eerder al bekend gemaakt dat scholen met ingang van volgend schooljaar subsidie en hulp kunnen krijgen bij verbetering van hun onderwijs in basisvaardigheden als taal, rekenen en ook digitale geletterdheid. In totaal is hier in 2023 circa 176,1 miljoen euro voor beschikbaar aan subsidies. 

Daarnaast wordt inmiddels gewerkt aan het bijstellen van de kerndoelen en eindtermen in het middelbaar onderwijs, waarmee digitale geletterdheid in ieder geval vast een plek krijgt in het onderwijs voor de bovenbouw van middelbare scholen. "Vooruitlopend daarop kunnen scholen zelf al scherper kiezen wat hun leerlingen echt nodig hebben. En daar komt praktische hulp voor beschikbaar in de vorm van basisteams."

Tot slot gaat het kabinet meer inzetten op de regionale samenwerking tussen vmbo, mbo en hbo, zodat leerlingen en studenten makkelijker kunnen doorstromen. Dat wordt gedaan door het maken van gezamenlijke onderwijsprogramma's te stimuleren. Daarnaast wordt geïnvesteerd in hbo-opleidingen die opleiden voor de sectoren waar grote personeelstekorten zijn, zoals dus bèta en techniek. "We bieden ruimte aan hogescholen om samen met hun partners in de regio de middelen gericht te besteden. Voor regio’s die te maken hebben met krimp, willen we een aanpak ontwikkelen waarin mbo- en hbo-opleidingen kunnen bijdragen aan het vitaal houden van die gebieden."

Reactie toevoegen
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.