Koolstof nanotubes zijn naadloze buisjes koolstof van één atoom dik met bijzondere warmtegeleidende en elektrische eigenschappen, die variëren met verontreinigingen, de diameter van de buisjes, en de richting waarin ze zijn opgerold. Ze laten zich niet netjes in een systeem plaatsen, maar gedragen zich meer als Mikado. Daardoor is het extreem moeilijk om ze in microtechnologie te gebruiken.
Toch worden transistors met nanotubes, naast DNA- en kwantumcomputers, als veelbelovende opvolger van de siliciumchip gezien.
Nature meldt dat wetenschappers van Stanford University nu een fabricageproces van nanobuistransistors hebben ontworpen dat voor een deel de problemen van zuivering en plaatsing van de buisjes oplost, en voor de rest bestaat uit bugfixes. De computer die ze hebben gebouwd bestaat uit 985 koolstof nanobuiscomputers met elk 178 transistoren van 10 tot 200 nanotubes, op één chip. En hij werkt. Vooralsnog is de rekenkracht vergelijkbaar met die van computers uit de jaren '60, maar aangetoond is nu dat het kan.
Er zijn nog allerlei andere teams bezig met het perfectioneren van het fabricageproces van nanobuistransistors, en die hebben de primeur gemist. Dat wil niet zeggen dat niet uiteindelijk een andere methode dan die nu getoond is ingezet gaat worden voor massaproductie. Maar de toekomst is voor de koolstof nanobuiscomputer weer een stap dichterbij gekomen.
Reacties
Om een reactie achter te laten is een account vereist.
Inloggen Word abonnee