Innovatie & Strategie

Cloud
Multicloud

Valkuilen multicloudaanpak

Niet iedereen is bekend met de beperkingen van de verschillende cloudomgevingen

© CC0 - Pixabay Geralt
16 mei 2018

Eenmaal gekozen voor de transitie naar een publieke cloudomgeving, is de vraag wat je aanpak wordt. Kiezen voor één cloudtechnologie of wil je op meerdere paarden wedden? Of beter gezegd, keuzevrijheid versus beheersbaarheid.

 

Inmiddels hebben de meeste organisaties een voorkeur voor een multicloudaanpak. Geen vrees voor vendor lock-in en je biedt interne klanten flexibiliteit en maximale functionaliteit van Microsoft Azure, Amazon Web Services (AWS) of bijvoorbeeld de Google-cloud. Maar welke valkuilen wil je voorkomen in een multicloudomgeving? Dit zijn de ‘lessons learned’ uit de dagelijkse multicloudpraktijk.

1. Denk niet dat elke cloudtechnologie gelijk is

Het maakt wel wat uit of je een applicatie op een Azure-platform of in een AWS-omgeving laat landen. Daar moet je je van bewust zijn als je applicaties gaat ontwikkelen of laat landen op een willekeurige cloudtechnologie. Zo is de netwerkaanpak van Microsoft wezenlijk anders dan die van Amazon. Natuurlijk kun je ervoor kiezen, applicaties zo in te richten dat ze ook makkelijker te verhuizen zijn van het ene naar het andere platform. De zogenaamde ‘losely coupled’-aanpak. Hou daar ook rekening mee als je de transitie naar een publieke cloud gaat maken.

2. Wees je bewust van de technologische beperkingen

Niet iedereen is bekend met de beperkingen van de verschillende cloudomgevingen. Zo is het hanteren van één firewall strategie niet aan te raden omdat elke cloudtechnologie zijn eigen firewall kenmerken heeft. Ook heeft iedere cloudprovider een andere aanpak voor het inzichtelijk maken van beschikbaarheid, machinetypes en groeimodellen. Diensten hebben allemaal hun eigen specifieke kenmerken. Wat bij de ene een beperking is, kan bij de andere technologie juist mogelijkheden bieden.

3. Benut de kracht van iedere cloudprovider

Omdat niet iedere cloudprovider identieke voordelen biedt, is het zaak dat je ondervindt waar welke krachten liggen. En zorg ervoor, dat je die ook optimaal benut. Dat klinkt logisch maar wat voor de ene organisatie een kracht is, kan voor de ander een verwaasloosbaar voordeel zijn. Zo kan een databaseservice bij de ene cloudprovider alleen als IaaS ingericht worden, terwijl de ander juist voorziet in een PaaS-oplossing of clustertechnologie. En bij weer een ander moet er zelfs een derde partij aan te pas komen. Het is mogelijk ook de moeite waard voor twee clouds te kiezen. Om interne klanten een handvat te geven, helpt het om landingscriteria op te stellen. Daarbij zijn de kracht van het platform, integratiemogelijkheden èn de gebruikerservaring belangrijke uitgangspunten. Echter, zorg ervoor, dat landingscriteria niet in beton worden gegoten. Dat gaat zich tegen je keren.

4. Voorkom vooringenomenheid in cloudkeuzes

Elke cloudtechnologie heeft zijn eigen fans. Daar is niks mis mee maar in een multicloudomgeving moet je vooral de mindset hebben van een ontdekker of pionier. Anders dan van de vooringenomen ervaringsdeskundige. Het helpt als je cloudteams samenstelt waarin zowel Microsoft Azure als AWS engineers samen optrekken. In overleg met product-owners bespreek je in dat team welk scenario het beste past bij welke oplossing. En natuurlijk is het van belang dat je nauwgezet volgt hoe de verschillende cloudtechnologieën zich verder ontwikkelen. Zelfs de marktposities zijn flink onderhevig aan verandering. Ontdek en ervaar zelf. Laat je vooral niet leiden door vooringenomen standpunten of beperkingen.

5. Exit-strategie vooraf vaststellen

Een andere belangrijke les is dat je eerst bepaalt wat de exit-strategie wordt voordat je een applicatie de deur uitzet naar een willekeurig cloudplatform. Als je vooraf vaststelt wat nodig is om een applicatie later uit te schakelen of naar een ander platform te brengen, ben je je veel bewuster van de gemaakte technologiekeuzes en vendor lock-in-risico’s.

Reactie toevoegen