Beheer

Software-ontwikkeling
Toets Hogeschool Rotterdam

Digitaal toetsen gaat wel eens mis

Falende technologie kost docenten veel tijd en energie

Toets Hogeschool Rotterdam © Anne van Brussel
7 juni 2017

Het is tentamenweek. Overal hangen bordjes die tot stilte manen. Toch is het ongewoon rumoerig in het trappenhuis van onze hogeschool. Groepjes studenten dalen luid discussiërend de trappen af. Ik hoor cynische grappen, waar schel om wordt gelachen. Ze vertellen dat de digitale toetsafname zojuist de mist is ingegaan.

Het systeem gaf na 30 minuten geen kik meer en niemand kreeg de software aan de praat, waardoor de toetsafname moest worden afgebroken. Nu moeten ze binnen een paar dagen opnieuw tentamen doen. Ze hadden zich voorbereid, ervoor gezorgd dat ze uitgerust waren, dat ze koffie of energydrink ophadden, dus kom maar op met die toets. En dan…afgelast. Geen wonder dat ze nu stoom afblazen.

Zweten

In de docentenkamer is het juist ongewoon rustig. Ik zie dat de docenten op nieuwe toetsvragen zweten en daardoor geen tijd hebben om de nare ervaring te evalueren. Door de falende technologie is veel tijd en energie verloren gegaan. Het vertrouwen in de toetssoftware is bovendien geschonden. Als er tijdens de les digitaal wat stokt: soit. Het is vervelend, maar niet ontwrichtend, omdat het meestal snel wordt opgelost door de technische dienst. Een afgelast tentamen is van een andere orde.

Bij de VU ging het vaak mis

Bij de Vrije Universiteit Amsterdam ging het in het verleden vaak mis met digitale toetsafname. Door falende technologie werden honderden studenten tegelijk gedupeerd. De VU besloot het technische, organisatorische en logistieke toetsproces te analyseren en vervolgens rigoureus te verbeteren.

Een projectteam regelde geschikte software, richtte gemonitorde werkplekken in en zorgde voor gespecialiseerde toetsondersteuners en technici. Het technisch functioneren stond centraal, maar werd wijselijk niet los gezien van de context en de belangen van alle stakeholders.

Waarde

Het ministerie van OCW heeft het opzetten en uitvoeren van het toetsbeleid hoog op de agenda geplaatst; er is immers nog veel werk te verzetten om de waarde van diploma’s te behouden. De wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek behandelt in artikel 7.10 de regelgeving van examens en tentamens. Hier staat dat het instellingsbestuur verantwoordelijk is voor de praktische organisatie van tentamens en examens. In de dagelijkse praktijk organiseren docenten en het bedrijfsbureau van de opleiding de toetsing. Het zou beter zijn om de organisatie van examens en tentamens weer bij het instellingsbestuur onder te brengen.

Hele kluif

Docenten zijn namelijk al verantwoordelijk voor de kwaliteit van de toets. Dat betekent dat zij de validiteit, betrouwbaarheid, objectiviteit, transparantie en normering van de toets op orde moeten hebben. Een taak waar zelfs toetsexperts een hele kluif aan hebben. Juist bij een informatica-opleiding mag je verwachten dat toetsen zoveel mogelijk met de computer worden afgenomen. Onderwijsinstituten kunnen de docenten faciliteren met een goede organisatie van technologische bronnen en leermiddelen. Technische ondersteuning is daarbij onontbeerlijk. En, dat zouden we bijna vergeten, alles begint bij betrouwbare, in de praktijk geteste software. Daar ligt de verantwoordelijkheid van de leverancier.

Reactie toevoegen