Innovatie & Strategie

Branche
chips

Zo werd Taiwan wereldwijd koploper in geavanceerde chips

'De overheid heeft de groei eigenhandig aangezwengeld'.

23 mei 2022

'De overheid heeft de groei eigenhandig aangezwengeld'.

Taiwan is al jaren de grootste producent van geavanceerde computerchips. Ook met onder meer supersnel Wi-Fi en de digitalisering van de overheid loopt het land wereldwijd voorop. Hoe is die technologische voorsprong op andere landen bemachtigd? En wat kan Nederland ervan leren? AG Connect sprak erover met onderzoeker Xiaoxue Martin van het Clingendael China Center.

Het wereldwijde tekort aan geavanceerde computerchips wordt steeds nijpender. Europa en Nederland zijn voor de chips van telefoons, laptops en 5G-apparatuur afhankelijk van bedrijven zoals het Taiwanese TSMC, waar ook technologische grootmachten Apple uit de Verenigde Staten en het Chinese Huawei al jaren vaste klant zijn.

Vanwege de oplopende geopolitieke spanningen en de groeiende tekorten smeedt Europa driftig plannen om een ‘eigen’ chipproductie op gang te helpen. Inmiddels zijn er tientallen miljoenen in gestoken, maar er klinkt vooral flinke kritiek en soms zelfs hoongelach: in de Taiwanese chipproductie worden immers miljarden gepompt. En het opstarten van een eigen productie vergt niet alleen een kapitaal aan geld, maar ook aan werknemers. Welke lessen kan Europa leren van Taiwan? En is het mogelijk om de aanpak die Taiwan koploper maakte in geavanceerde chips na te bootsen?

Opkomst van de Asian Tigers

Xiaoxue Martin is onderzoeker bij het Clingendael China Center. Haar werk richt zich op de hedendaagse politiek en internationale betrekkingen van Groot-China, in het bijzonder Hongkong en Taiwan. Martin stelt dat de economie van Taiwan tegelijkertijd met die van Singapore, Hongkong en Zuid-Korea tegelijkertijd in de jaren 60 in korte tijd opkwam dankzij export en snelle industrialisatie. De vier ‘Asian Tigers’ worden de landen samen ook wel genoemd. “Maar elk van die vier doet het op zijn eigen manier. Een ‘verbindingspunt’ is dat de economie in ieder van deze landen een interventie van de eigen overheid kent. Dat geldt ook voor Taiwan, waar mede dankzij hulp van de overheid de halfgeleiderindustrie enorm kon groeien.”

Volgens Martin heeft de Taiwanese overheid regelmatig ingegrepen om de economie nieuw leven in te blazen. “En die industrialisering kreeg een boost in de jaren 70, na de grote oliecrisis en het verlies van de erkenning van de Verenigde Naties. Daarvoor was economische groei met name gebaseerd op agricultuur. Taiwan moest op zoek naar een andere groeimotor en daarbij werd een risicovolle stap genomen: de halfgeleiderindustrie. De rol van de overheid hierbij was uiteraard groot. De eerste stap was het opzetten van een groot onderzoeksinstituut genaamd Industrial Technology Research Institute (ITRI)."

Groei eigenhandig aanzwengelen

“Onderzoekers, hoogleraren, docenten met expertise op gebied van halfgeleiders werden daar met behulp van overheidsgeld samengebracht”, vertelt Martin. “Dit is uiteindelijk ook de plek waar TSMC en andere chipfabrikanten zijn begonnen, als joint ventures. Dit instituut is een plek waar kennis verzameld wordt ter bevordering van onderzoek en waar personeel kon worden getraind en opgeleid. Het werkte: er ontstonden fabrieken en de halfgeleiderindustrie van Taiwan begon te groeien.” De overheid heeft de groei dus eigenhandig aangezwengeld. “Je kan het industriepolitiek noemen. Die is inmiddels weer terug van weggeweest.”

Xiaoxue Martin | Clingendael

Na het opzetten van ITRI, dat de drijvende kracht achter de nieuwe fabrikanten werd, bleek het alsnog heel moeilijk voor de fabrieken om de groei door te zetten. “Het vinden van financiering was voor halfgeleiderfabrikanten heel moeilijk. De Taiwanese overheid heeft hier in de jaren die erop volgden erg veel geld voor neergelegd. De groei van industrie werd in het begin dus eigenlijk vanuit de overheid aangedreven.”

Toch denkt Martin dat het moeilijk wordt voor Nederland en andere Europese landen om de chipstrategie van Taiwan na te bootsen. Wel ziet ze dat industriepolitiek de laatste jaren meer populair is geworden. Ook in de EU. “Er is veel kritiek op de huidige Europese plannen voor chipfabrieken. Zo worden de bedragen gezien als een druppel op een gloeiende plaat. Daarnaast kwam de Europese Commissie met een vergelijkbaar initiatief in 2013, maar lukte het destijds niet om de productie van chips voldoende te stimuleren.” Wat Martin betreft is het belangrijk dat er veel wordt geïnvesteerd in talent-recruitment en samenwerking met de industrie en universiteiten.

‘Koploperspositie was niet voorzien’

Nu, tientallen jaren na die eerste stappen, is Taiwan wereldwijd koploper in onder meer geavanceerde chips fabriceren. “Maar ik denk dat destijds niemand dat had voorzien. De positie nu is voornamelijk te danken aan TSMC, die onder meer in samenwerking met de overheid maar ook door Philips werd opgezet. Dit bedrijf focuste zich eind jaren tachtig als eerste op de productie van chips voor andere bedrijven, de eerste ‘pure-play foundry’, terwijl daar toen nog helemaal geen massale vraag naar was. Alle bedrijven maakten toen nog gewoon hun eigen chips voor hun producten.”

Die toespitsing op alleen chips was erg ‘risky’. “Er werd financiering voor gezocht, maar er waren grote twijfels over het businessmodel”, vertelt Martin. Hoe geavanceerder de chips werden, hoe moeilijker bedrijven het kregen om nog hun eigen computerchips te maken. TSMC kon daarvan profiteren en werd steeds groter. Toen in 2012 Apple chips wilde voor zijn iPhones, nam de groei van TSMC pas echt een vlucht. Daarna volgden vele andere bedrijven.

Bemoeienis Taiwanese overheid

De sturende rol van de Taiwanese regering was door de jaren heen belangrijk, maar het heeft ook een keerzijde. Geopolitiek beheerst nu de markt. “De overheid voorzag met chips een kleine industrie met veel groeipotentie, creëerde vervolgens hiervoor eigenhandig een investeringsklimaat dat ook andere bedrijven aantrekt. Daarmee wordt Taiwans geopolitieke positie ook beïnvloed. De spanningen tussen de VS en China hebben grote gevolgen voor bedrijven als TSMC. Denk aan uitbreiding van sancties van de Verenigde Staten, die niet wil dat de chips gebruikt worden door Chinese bedrijven zoals Huawei. De Chinese afzetmarkt speelt daarnaast ook een grote rol en die oefent ook druk uit.”

Martin schetst een voorbeeld. “De Amerikaanse president Joe Biden verzocht TSMC voor informatie over de supply chain. Dit ging onder meer over klanten. De VS zou de supply chain veiliger willen maken, zo luidde het verhaal. De Taiwanese bedrijven kwamen in een lastig parket, omdat ze juist sterk zijn in het beschermen van klantengegevens als het gaat om bedrijfsgeheimen.” Op zo’n moment komt ook de Taiwanese overheid in beeld om zich ermee te bemoeien. “Er kwam een tussenoplossing waarbij de VS niet alle informatie kreeg die ze wilden, maar ze kregen wel de in’s en out’s over de productiecapaciteit.”

Sinds de recente oorlog tussen Rusland en Oekraïne neemt ook de spanning rond Taiwan toe. Terwijl de ogen op elders zijn gericht, worden de geruchten over een mogelijke inval van China in Taiwan steeds luider. Die spanning is er al langer. “Zo wordt de Taiwanese halfgeleider ook wel een ‘Silicon Shield’ genoemd, die Chinese militaire actie zou moeten afschrikken. Schade aan de Taiwanese industrie zou immers grote gevolgen hebben voor de rest van de sector, en ook China is op dit gebied afhankelijk van Taiwan.”

Taiwans digitale instrumenten

Taiwan loopt niet alleen voorop met snelle Wi-Fi, kunstmatige intelligentie en geavanceerde chips, ook qua digitale democratische tools kan er nog veel geleerd worden van het land. Een commissie voor Digitale Zaken en een bewindspersoon voor Digitale Zaken zijn er al lang.

In samenwerking met het hackercollectief g0v werd in 2015 het online platform vTaiwan.tw opgericht. Dat wordt ook door Nederland als een voorbeeld gezien. Bij vTaiwan.tw kunnen burgers voorstellen voor wetgeving doen en voorstellen bediscussiëren. Het platform brengt beleidsambtenaren, politici, onderzoekers, experts, civil society-organisaties, burgers en bedrijven samen in consultatieprocessen. Elk ministerie heeft een ‘participation officer’ die verantwoordelijk is voor de begeleiding van de processen, waarbij burgers dus in de voorstelfase betrokken worden, vragen mogen stellen, waarbij hun mening wordt gegroepeerd en gevisualiseerd. Na afloop zijn er fysieke bijeenkomsten voor belanghebbenden, die worden gestreamd. Hierbij kunnen burgers via de chat vragen stellen.

Magazine AG Connect

Dit artikel is ook gepubliceerd in het magazine van AG Connect (mei 2022). Wil je alle artikelen uit dit nummer lezen, zie dan de inhoudsopgave.

Lees meer over
Reactie toevoegen
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.