Innovatie & Strategie

Software-ontwikkeling
Change ahead

Zo jaag je innovatie aan in grote organisaties

Drie voorbeelden van grote organisaties die recentelijk met succes hun digitalisering in een hoge versnelling hebben gezet.

© CC0 - Pixabay geralt
20 maart 2018

Drie voorbeelden van grote organisaties die recentelijk met succes hun digitalisering in een hoge versnelling hebben gezet.

Snelle innovatie is voor een grote organisatie vaak veel lastiger te organiseren dan voor startende bedrijven. Toch zullen ook de gevestigde organisaties mee moeten in de vaart der volken.

Digitalisering is een ontwikkeling die eigenlijk alle sectoren raakt. Blockchain, kunstmatige intelligentie, robotisering, big data en internet of things zijn niet langer louter buzzwords en hypes. In de komende paar jaar krijgen zij op een of andere manier beslag in bestaande werkprocessen. Het probleem is dat nog onvoldoende is uitgekristalliseerd welke effecten dat voor elk bedrijf gaat krijgen. De kat uit de boom kijken is echter geen goede strategie meer. Daarvoor gaan ontwikkelingen te snel en wordt het voor markttoetreders steeds makkelijker om met nieuwe technologie een disruptie te veroorzaken. 

Digitale innovatie organiseren is een manier om broodnodige kennis en ervaring met nieuwe technologieën op te doen. Door bij die innovatieslag met andere marktpartijen samen te werken, is het mogelijk aan de frontlinie van de ontwikkeling te blijven. Drie voorbeelden van grote organisaties die de uitdaging zijn aangegaan. 

Datalab kweekt bij Rijkswaterstaat nieuw elan
Algera sluis
© CC BY-SA 2.0 - tjabeljan

Rijkswaterstaat heeft met de doorstart van het RWS Datalab vaart gezet achter digitaliseringsprojecten. Het Datalab bestond al enige tijd als een plek waar verschillende partijen af en toe demonstratieprojecten deden, maar daar bleef het bij. In februari 2017 maakte het onderdeel een vliegende doorstart als accelerator voor de ontwikkeling van toepassingen op basis van data, maar ook voor nieuwe werkwijzen zoals agile ontwikkeling. Daarbij is een goedlopende straat van innovatie naar ontwikkeling en productie opgezet. "Wij ontwikkelen zeg maar steeds een versie 0.9", zegt Bas van Essen, hoofd van het Datalab. "Vervolgens dragen we het project over aan de directie OSR (Ontwikkeling en Services Rijkswaterstaat), die zorgt voor de verdere route naar exploitatie en beheer." 

Cocreatie is het motto

De ideeën voor innovatieprojecten komen doorgaans van interne klanten of andere overheidsdiensten. Die zorgen ook zelf voor de financiering van het project. Cocreatie is daarbij het motto. De samenwerking tussen business en IT is cruciaal. Van Essen: "De business moet snappen waarom het werk daar verandert." Daarom zijn ze vanaf het moment van ideeëngeneratie tot de uitvoering nauw betrokken bij het proces. "We zien onszelf wel als een speedbootje dat rond de olietanker vaart. We zijn wendbaar en snel en kunnen makkelijk terug. En soms varen er op hele stukken mensen van de tanker mee die dan later weer afgeleverd worden."

De ideeën worden geëvalueerd en het directieteam bepaalt de prioriteit. Vanaf het begin is ook een OSR-medewerker nauw betrokken bij het project. Die weet dan al in een vroeg stadium wat eraan komt zodat de business op dat moment klaar is om het in productie te nemen. 

Sinds de heropening van het Datalab zijn ruim 25 projecten gestart. Een aantal daarvan is daadwerkelijk live gegaan. Een voorbeeld is het project Integrale projectbeheersing. Binnen RWS worden erg veel projecten gedaan. Bij elk project komen heel wat aspecten aan de orde, van contractbeheersing tot risicomanagement en van bedrijfsvoering tot wijzigingsvoorstellen. Van Essen: "Dat was aanvankelijk allemaal apart georganiseerd, waarbij iedereen eigen overzichten maakte, vaak met Excel. We hebben daar een nieuw datamodel voor gemaakt en software ontwikkeld, inclusief nieuwe BI-rapportages. Zo krijgen mensen nu snel inzicht in de voortgang van de projecten, maar ook in de kwaliteit, het financieel volume en de risico's."

Een ander voorbeeld is het project Vitale assets. Voor sluizen is een monitoringsysteem ontwikkeld met als doel zo veel mogelijk beschikbare data in te zetten om het onderhoud beter te plannen. Van Essen: "Het systeem houdt op dit moment tien sluizen, een brug en een gemaal. Nu kan OSR het verder ontwikkelen voor andere sluizen."

Krachtpatser voor machine learning

De kracht van het Datalab is de nieuwe werkwijze en transparante aanpak. "Alle voorwaarden voor een datagedreven organisatie zijn aanwezig", zegt Van Essen. "De focus gaat van de infrastructuurkant naar de business, dus naar het werken in DevOps-teams, snelle korte cycli en agile werken." Speciaal voor de innovatie met deep learning en analytics investeerde Rijkswaterstaat in een NVIDIA DGX, een systeem gebaseerd op het Volta GPU-platform, en een snelle storage van Pure Storage. "We hebben zoveel beeldmateriaal en dan is zo'n gespecialiseerde deep learning-machine om te trainen helemaal geweldig. Wat we hebben gecreëerd is nieuw elan in de hele organisatie. Mensen die overdag adviseur inkoop of teamleider zijn, vertellen dat ze 's avonds en in het weekend aan het programmeren zijn gegaan omdat ze weer helemaal opbloeien." 

In het Datalab werken tussen de 25 en 35 man, waarvan 17 vast. De rest bestaat uit afstudeerders van bijvoorbeeld de TU Delft, de UvA en de Hogeschool Zeeland. "RWS is voor hen interessant, want we hebben heel veel data en uitdagende projecten. Voorspellingen maken van wanneer de motor van zo'n sluis uitvalt, is voor natuurkundestudenten een walhalla. Nieuwe technologie als deep learning is nu heel hot. We zijn een van de eerste overheden die er daadwerkelijk mee aan de slag gaan."

Nieuwe rol als databroker

Nu het Datalab op poten staat, is het tijd voor een institutionaliseringsslag, vindt Van Essen. "Hiermee borgen we dan structureel de financiering en kunnen we de capaciteit beter inzetten voor de projecten. Hij zou graag met andere overheids- en marktpartijen een verkenning uitvoeren naar de haalbaarheid van een API-strategie, een data-uitwisselingsplatform. "Hoe Schiphol bijvoorbeeld de rol van databroker heeft ingevuld, is een voorbeeld voor mij. Daar wordt er echter gelijk geld mee verdiend. Wij zullen het meer moeten hebben van een besparing op inkoop."

RWS Datalab stimuleert de samenwerking met andere organisaties via de maandelijkse Open Tuesday. Dat is een netwerkbijeenkomst met presentaties van RWS Datalab zelf, van andere overheden en van commerciële partijen, bedoeld om openheid te creëren en ter inspiratie. Afhankelijk van de locatie is er plaats voor 50 of 100 deelnemers. "Het zit tot nu toe altijd helemaal vol", zegt Van Essen.

APG Groeifabriek stuurt op samenwerking

APG is een financiële dienstverlener en regelt namens een aantal pensioenfondsen het pensioen voor circa 4,5 miljoen deelnemers. Het bedrijf maakt een belangrijke verandering door. Tot enkele jaren geleden was het een typische business-to-businessdienstverlener, met pensioenfondsen en werkgevers als belangrijkste klanten. Nu wordt de omslag gemaakt van een productgericht naar een deelnemersgericht bedrijf.

Deelnemers zijn de afgelopen jaren kritischer geworden over hoe hun pensioen wordt geregeld. Ze willen weten of hun kapitaal wel op de juiste manier wordt belegd. Deelnemers hebben ook zorgen over de hoogte van hun pensioen omdat bij veel pensioenfondsen al een aantal jaar niet is geïndexeerd.

Liefst op afstand

In plaats van zich op klassieke methoden te richten, heeft APG de Groeifabriek opgezet om te onderzoeken hoe de organisatie snel gebruik kan maken van radicale innovaties. Het verbeteren van bedrijfsprocessen en efficiënter werken blijven ook zeer belangrijk, maar dat wordt opgepakt door de reguliere business. De Groeifabriek is enigszins op afstand gezet van APG om voldoende speelruimte te kunnen creëren. Die afstand is ook fysiek. De Groeifabriek huist voor een belangrijk deel op de Brightlands Smart Services Campus in Heerlen, waarbij APG, samen met de Universiteit Maastricht en de provincie Limburg, als founding father betrokken is. Binnen deze campus is in 2016 de Techruption-community van start gegaan, waarbinnen grote bedrijven (APG, PGGM, Rabobank, Accenture, etc.) samen met de wetenschap (BISS Institute en PNO) en start-ups werken aan innovatieve use cases.

René Rateischak, Artificial Intelligence Lead bij de Groeifabriek, legt de nadruk op het belang van samenwerking, zowel intern als extern. Binnen de Groeifabriek zijn inmiddels twintig projecten afgerond of in de verschillende fasen van uitvoering. Bij tien speelt kunstmatige intelligentie een rol. Daarbij wordt een strak Lean Startup-proces gevolgd dat in vijf tot elf maanden tot een marktrijp product moet leiden. In het proces zitten een aantal harde go/no-gopunten (stage gates) waar de zin van het experiment wordt geëvalueerd. "In de exploratiefase van één tot drie weken wordt voor elk idee eerst een sponsor uit de gebruikersorganisatie gevonden voor er wordt begonnen aan de ontwikkeling van een prototype. Die sponsor blijft het hele traject nauw betrokken." De Groeifabriek zoekt hierbij nadrukkelijk de samenwerking op in het open innovatie-ecosysteem. De helft van de experimenten wordt in het Techruption-verband uitgevoerd.

De uitkomst van een stage gate kan betekenen dat een experiment binnen APG wordt geïmplementeerd of als spin-off buiten APG verder wordt ontwikkeld. Dat is bijvoorbeeld het geval geweest bij Kandoor.nl, een matchingsplatform dat mensen met financiële vragen koppelt aan vrijwillige experts die hun vragen op dat gebied willen beantwoorden. Inmiddels staat APG met twee start-ups (Kandoor en NestEgg) in de Dutch Fintech Infographic van Holland Fintech. 

Fail fast

Uiteraard lukken niet alle experimenten. 'Fail fast, learn faster' is hier het motto. Een van de ideeën waaraan gewerkt werd, was om, in samenwerking met zorgverzekeraars, mensen die aantoonbaar gezond leven korting te geven op hun zorgverzekering. Deze korting zou dan extra ingelegd kunnen worden als pensioen. In de experimentfase bleek al snel dat het toch lastig was om gezondheidgerelateerde data te delen en is het experiment stopgezet.

Amsterdam ontwikkelde eigen innovatiemethode
Amsterdam Datalab

Ook de gemeente Amsterdam voorzag twee jaar geleden dat voor een werkelijke vernieuwing door digitalisering van processen er een radicale stap nodig was. De gemeente vroeg innovatiespecialist Maarten Geraets om een Datalab Amsterdam op te zetten. Dit is in korte tijd uitgegroeid tot een kenniscentrum en een open podium voor wie interesse heeft in het werken met data.

Daarnaast is het een werkplaats waar de gemeente met een aantal professionals en partners werkt aan het oplossen van concrete vraagstukken van de gemeente. Daarbij is bewust gekozen voor de design thinking-aanpak (FiXXX-methode), waarbij in nauwe samenwerking met de uiteindelijke eindgebruikers de eerste ideeënronde wordt georganiseerd. Ook in het vervolgtraject zijn gebruikers nauw betrokken en wordt bijvoorbeeld vaak op locatie in kortcyclische trajecten geprogrammeerd. Zo wordt voorkomen dat de verandering in het werkproces van de eindgebruikers als een verstoring wordt gezien. 

MEER AG CONNECT?

Altijd op de hoogte blijven van het laatste IT-nieuws? Volg ons op Twitter, like ons op Facebook of abonneer je op onze nieuwsbrief.

Lees meer over Innovatie & Strategie OP AG Intelligence
Reactie toevoegen
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.