Loopbaan

Carriere
lege collegezaal

Uitval bij ICT-studies universiteiten dramatisch hoog

Lage survival percentages voor universitaire informaticastudies.

29 november 2017

Lage survival percentages voor universitaire informaticastudies.

Bijna een derde van het aantal studenten dat een ICT-studie doet op hbo- of wo-niveau haakt in het eerste jaar al af. Dat blijkt uit gegevens die AG Connect heeft verzameld uit verschillende bronnen.

Slechts 69% van de eerstejaars studenten Informatica en Technische Informatica op de Nederlandse universiteiten stroomt uiteindelijk door naar het tweede jaar. Bij Kunstmatige Intelligentie is dit zelfs maar 66%. Dat blijkt uit gegevens die onlangs gepubliceerd zijn in de Keuzegids Universiteiten 2018. De survivalcijfers voor eerstejaarsstudenten worden bijgehouden door CHOI (Centrum Hoger Onderwijs Informatie), de uitgever van de Keuzegidsen.

Zelfs meer uitval dan bij rechten

Geen enkele andere universitaire studie kent zo’n hoog uitvalspercentage als bovengenoemde ICT-studies. Zelfs studies als rechten (71%) en bedrijfskunde (71%) die de naam hebben een hoog uitvalpercentage te hebben, scoren beter dan ICT-studies op universitair niveau. Bij Dierengeneeskunde (95%), Geneeskunde (94%) en Onderwijskunde (92%) stromen relatief de meeste studenten door van het eerste naar het tweede studiejaar.

Overigens moet wel worden opgemerkt dat de universitaire studie Informatiekunde – waarbij de focus meer ligt op de menselijke kant van informatica – met een survivalcijfer van 82% veel beter scoort dan de hardere ICT-studies.

Informatica studeren = hard werken

“Veel eerstejaars studenten vergissen zich in de technische, wiskundige kant van een ICT-studie”, reageert een medewerker van de Keuzegids Universiteiten 2018. De gids bestempelt de studies (Technische) Informatica en Kunstmatige Intelligentie als ‘pittig’.  “Informatica studeren betekent hard werken en zeker in het eerste jaar kan dat tegenvallen. Ook bij Kunstmatige intelligentie moet je doorbijten in het eerste jaar”, schrijven de samenstellers van de Keuzegids.

Grote verschillen tussen universiteiten

De verschillen tussen universiteiten zijn behoorlijk groot als er wordt ingezoomd op survivalcijfers. Er worden geen exacte cijfers gepubliceerd per universiteit, maar er wordt wel aangegeven hoe iedere universiteit het doet ten opzichte van het landelijk survivalcijfer. Dit wordt aangegeven met de symbolen --, -, 0, + en ++ (waarbij een dubbele min zeer slecht is, een 0 gemiddeld en een dubbele plus zeer goed). Zo doet de RU Nijmegen het met de Informatica-opleiding qua uitval goed (+), terwijl diezelfde opleiding in Groningen het zeer slecht doet (--). Bij de studie Technische Informatica vallen relatief veel studenten uit aan de TU Delft (--). Laatstgenoemde studie scoort in Enschede qua survival gemiddeld en in Eindhoven net iets onder het landelijk gemiddelde.

Bij de studie Kunstmatige Intelligentie is de uitval het oogst in Groningen (--), maar ook de andere vijf plaatsen waar deze studie wordt aangeboden scoren onder het landelijk gemiddelde (-).

Zoals eerder gezegd doet de studie Informatiekunde het qua uitval dus wel goed. Groningen, de UvA (Amsterdam)en de UU (Utrecht) doen het iets beter dan gemiddeld, de VU en Enschede zitten op het gemiddelde, terwijl de opleiding medische informatiekunde aan de UvA als enige in deze categorie net iets onder het gemiddelde scoort.

Interessant? Lees meer over uitval bij ICT-studies

Ook bij ICT-opleidingen op hbo-niveau is het uitvalpercentage hoger dan gemiddeld. ‘Uitval hbo-ICT-studies nog altijd te hoog’

Lees meer over Loopbaan OP AG Intelligence
9
Reacties
Anoniem 05 december 2017 19:11

Een hoge uitval op zich moet je niet als goed of slecht bestempelen. Ik heb zowel aan de TU Delft als aan de Universiteit Utrecht gestudeerd. In Utrecht is de Informaticaopleiding ontzettend soft; er worden bijvoorbeeld geen wiskundevakken gegeven.

In Delft was de opleiding veel moeilijker, maar viel het me ook op dat er een meer hierarchische structuur is, en de nadruk er heel erg ligt op hard werken, terwijl deze in Utrecht meer ligt op kennis. Verder vond ik de sfeer in Delft gewoon naar. Iedereen is gestresst, leraren hebben geen tijd voor je en snauwen je af, er is al-tijd gezeik met de administratie en jij krijgt er als student altijd de schuld van, en moet op de blaren zitten.

Frank 03 december 2017 09:30

En waarom staat er anoniem als ik Frank intyp?

Frank 03 december 2017 09:29

In de reacties hierboven zie ik allemaal meningen - over de insteek van studenten tot aan hoe opleidingen het eigenlijk zouden moeten doen, met zelfs een anonieme gastdocent die zijn mening durft te veralgemeniseren naar alle opleidingen.
Leuk, al die meningen... het zou goed zijn als de discussie werd verbeterd met wat feitenkennis, via goed onderzoek. En dan zou ik vooral kijken naar de insteek van de studenten.

Ik heb zelf ooit de UU studie gevolgd toen het nog naar een doctoraal leidde, dus mijn kijk op het huidige verhaal is nu wat verouderd. Evengoed hadden sommige tentamens toen een slaagpercentage van 30%, dus 65-70% klinkt als een flinke verbetering. Misschien is dit wel gewoon goed? Het lijkt mij dat mensen weten dat het goede opleidingen zijn, dus een aantal probeert het gewoon en moet accepteren dat het niet voor hen is; ik zie het percentage eerder als een compliment naar het nut wat de opleidingen wordt toegedicht.

De studie makkelijker of praktischer maken lijkt mij geen recht doen aan het universitaire gehalte wat het doel is. Universiteiten leiden immers traditioneel niet op tot een baan, maar tot onderzoek. Dat het bedrijfsleven zo gretig gebruik wil maken van diezelfde kwaliteiten is prettig maar dat zou niet het doel moeten zijn... die insteek heet HBO.

HenkZ 01 december 2017 11:49

Ik kan mij wel voorstellen waarom studies als geneeskunde zo'n veel lager uitvalpercentage hebben. Die studies kennen een stevige practicumcomponent die het de studenten heel aanschouwelijk maakt waarvoor ze het doen. Dat motiveert om je ook door de noodzakelijke theorie heen te bijten.

In de IT-opleidingen zetten zeer slimme bèta's de toon die een sterke voorkeur hebben voor methodisch werken en formeel-logisch denken. Vanuit die visie begin je met het leggen van een theoretisch fundament en kom je pas later toe aan de toepassing. Dat maakt de 'learning curve' steil en zorgt voor een onnodig hoge uitval aan het begin van het leertraject.

Je ziet dit overigens ook terug in documentatie en handleidingen van IT-systemen: veel abstracte en formeel-correcte beschrijvingen die moeilijk tot je te nemen zijn en die je vaak in zijn geheel moet doorworstelen voordat je er praktisch mee aan de slag kunt. Zet daar tegenover een handleiding die - na een korte inleiding - begint met een 'getting started' en een paar 'how to's' en je realiseert je dat 'learning by example' veel productiever is.

Ik denk daarom dat de opleidingen er goed aan doen de 'learning curve' nog een stukje minder steil te maken door meer praktijk naar het eerste jaar te verschuiven en van daaruit onderwerpen als predicatenlogica, relationale algebra en wat dies meer zij te verkennen. Al doende ontdekt de student dan ook het belang van een goede theoretische basis, maar tegelijk ervaart hij ook de 'fun' van het vakgebied.

De redenering dat IT nu eenmaal een moeilijk vakgebied is, vind ik geen goede verklaring voor een hoge uitval. Zij die aan de studie beginnen voldoen immers aan de toelatingseisen. Wel kan ik mij goed voorstellen veel studenten afhaken omdat zij andere verwachtingen van de studie hadden. Uitval is in meerdere opzichten jammer: voor de student, de onderwijsinstelling en de maatschappij. Er is een grote behoefte aan geschoold IT-personeel en door uitval wordt talent verkwist dat voor de IT-arbeidsmarkt heel waardevol had kunnen zijn.

Opleidingen moeten mensen helpen hun (toekomstig) werk goed uit te voeren; ze moeten daar niet barrières voor opwerpen. Enige bescheidenheid past IT-opleidingen daarin. In mijn werkveld (softwareontwikkeling) kom ik een groot percentage collega's tegen die geen gerichte IT-opleiding hebben afgerond. Vaak een heel andere opleiding, een taal, biologie, landbouwwetenschappen, you name it, en soms hebben ze alleen een VWO- of Gymnasium-diploma en zijn ze autodidact. Natuurlijk, zij missen soms kennis die hun voor de uitvoering van hun vak van pas zou kunnen komen, maar hé, ook zij kunnen leren. Na grofweg 7 jaar werkervaring merk je in het dagelijks functioneren nauwelijks een verschil tussen de IT'er mèt en die zònder een gerichte vooropleiding.

Hoewel, de tweede zou gemiddeld wel eens een iets pragmatischer instelling kunnen hebben. En dat biedt weer een mooi tegenwicht voor de hoogopgeleide bèta-wetenschapper die het perfecte logisch-correcte systeem wil ontwerpen waarmee de gebruiker niet wil werken en dat de gemiddelde ontwikkelaar niet kan onderhouden.

Bop 30 november 2017 14:42

'Zeurfieffel' is een soort 'overleving'.
Spiek Netterlends plies.

Maar wel vet koel hoor.

Ronald 29 november 2017 23:26

Eerlijk gezegd kan ik me herinneren dat het vroeger nog een stuk lager lag. Meer rond de 40-50%. Blijkbaar is de studie toch wel aardig versimpeld (ik weet dat Utrecht er minder wiskunde in stopt dan vroeger, bijvoorbeeld). En inderdaad: iets wat heel wiskundig lijkt en weinig toepasbaar, de predikatenlogica, is soms behoorlijk belangrijk. Net als de (relationele) algebra. In combinatie vormt het een logisch datamodel. Best belangrijk...

Pieter 29 november 2017 13:27

Waren de universiteiten niet aan het juichen vanwege de vele aanmeldingen? Studenten schreven zich massaal in voor een studie met baangarantie, riant salaris en leasebak. Zelfs een Numerus Fixus werd overwogen. Zoals beide anoniemen aangeven is het helaas een studie die naast ontspanning echter ook de nodige inspanning vereist.

Atilla Vigh 29 november 2017 12:59

@ Anoniem
Informatica studeren is een puur technische studie. Dat is geen bedrijfsinformatica of Informatiekunde.
Onze huidige universiteiten leiden in principes op voor wetenschappers niet voor mensen die perfect in de samenleving hun waarde kunnen bedragen. Informatica is niet anders dan wiskunde, natuurkunde of scheikunde een exact vak, waar zaken als predicatenlogica, algoritmiek, systeemleer, etc... gewoon vaste kost is. Als je dat niet kan en wil, moet je het ook niet gaan studeren. En ik geef je helemaal gelijk dat wat wij in de samenleving nodig hebben zijn praktisch onderlegde informatici. De vraag rijst dan of een zuiver exacte Informatica opleiding op een universiteit zoals dat nu is georganiseerd wel de juiste is.
Ik heb nooit goed begrepen wat het HBO nu oplevert naast de universiteit. Als je HBO Informatica hebt gestudeerd, is vaak verwachting dat je praktisch sneller inzetbaat bent. Het niveau van dit opleiding ligt zo ongeveer (als je het haalt) op 2/3 jaars WO niveau. Dat vind ik een rare overlap.
Ik heb altijd gepleit om de middelbare school (zeg maar vanaf VMBO tot VWO, inclusief HAVO en MBO) samen te voegen en ieder tot 20 jaar op school te houden, verplicht. In die gehele opleiding zit een praktische en theoretische afstudeerrichting op 3 niveaus: laag, middelbaar en hoog. Ja het is twee jaar meer dan alleen iemand die nu VWO in 6 jaar doet, maar aan de andere kant, maakt het zaken duidelijker. Overigens heb ik er dan geen problemen mee dat iemand dat sneller kan, dat ook mag. Aan het eind van die opleiding heb je op zijn minst een basisberoepskwalificatie. Je zou kunnen gaan werken, in tegenstelling tot nu, want alleen met een VMBO of HAVO of VWO diploma is het karig. Ja en ik weet dat je na je VMBO nog minimaal 2 jaar MBO zou moeten doen, maar de meeste zijn daar niet toe in staat (vanwege allerlei redenen). Verplicht het gewoon.
Vervolgens zou ik het huidige HBO en WO samenvoegen. Daarin heb je 2 afstudeervarianten: een theoretische (vergelijkbaar met het huidige WO) en een praktische (enigszins vergelijkbaar met het huidige HBO opleiding, maar dan op WO niveau). Als je dan afstudeert aan het WO heb je een theoretical Master of aan applied Master.
Is het voor iedereen ook duidelijk wat je doel is. Deze opleiding mag van mij gewoon 4 jaar duren en als je sneller kan moet dat ook kunnen. Dat zou betekenen bij een normale schoolgang je pas met 24 jaar klaar bent, vroeg zat om je eens op de arbeidsmarkt te melden. Bij die applied Master opleiding aan het WO zou ik het een goed idee vinden dat de docenten om en om les geven en in organisaties werken (bijvoorbeeld 2 jaar les geven en 2 jaar werken in organisaties, enz.....) Dan krijg je pas echt kruisbestuiving.

Itisme 29 november 2017 12:25

De vraag is natuurlijk waarom zo veel uitval...
* ICT is complex, maar wordt vaak ook commercieel complex gemaakt en gehouden....
Als je er aan begint, moet je beseffen dat je een levenlang blijft (zelf) leren. Stilstand is teruggang in deze wereld en bijhouden van kennis kost de nodige energie. Specialiseren in 1 ding is niet ok, je moet minimaal van 2x andere ict gebieden kennis hebben om te kunnen meepraten en van toegevoegde waarde te zijn. Studies richten zich daar helaas niet op.
* Het niveau van docenten is te laag, te weinig praktijk ervaring en geen aansluiting bij de praktijk
* ICT is onderhevig heeft aan dagelijkse innovaties. het vakgebied is zeer ruim. Buitenstaanders weten vaak niet dat ICT een verzamel begrip is als bijv. Technische Dienst (iedereen snapt dat er verschil is ts loodgieter en timmerman, maar ict-ers zijn in hun ogen mensen die alles van ict kunnen.....)
* Als gastdocent merk ik vaak dat leerlingen niet de globale verschillen kennen tussen ict rollen en geen gevoel hebben wat een rol in praktijk kan inhouden....(Zorg voor beter "beeld en geluid")
* Het promotiemateriaal om leerlingen binnen te halen staat te ver van de werkelijkheid.
* enz. enz
Kortom: De aansluiting tussen scholen en bedrijven en de markt is lastig, complex e.d.

Reactie toevoegen
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.