Management

Branche
startup

Techleap: Dit heeft Nederland nodig om techstartups meer te stimuleren

Tekort aan talent en investeerders zetten rem op groei techsector.

© Shutterstock dotshock
10 februari 2022

Tekort aan talent en investeerders zetten rem op groei techsector.

Slechts 21% van de Nederlandse startups groeit door naar een scaleupstatus, wat cruciaal is als deze bedrijven willen bijdragen aan meer banen en economische groei op de lange termijn. Dat blijkt uit het rapport State of Dutch Tech van Techleap.nl. Om te zorgen dat hier verandering in komt, is meer aandacht nodig voor de arbeidsmarkt, investeerders en deeptech, meent de organisatie.

De non-profit Techleap.nl - dat zich inzet om het Nederlandse startuplandschap te verbeteren - stelt in het State of Dutch Tech-rapport van Sifted dat 2021 een jaar van groei was voor de Nederlandse techsector. Dat nu uitgekomen rapport is in opdracht van Techleap gemaakt. Daarin valt te lezen dat er afgelopen jaar in totaal er voor 5,6 miljard euro aan durfkapitaal is geïnvesteerd, wat drie keer meer is dan in 2020. 

Die groei van durfkapitaal is belangrijk, want volgens de organisatie houden startups en scaleups Nederland innovatief en concurrerend. "De ambities in het regeerakkoord over ‘toekomstig verdienvermogen’ en maatschappelijke transities zullen niet gehaald worden zonder effectieve digitalisering en innovatieve startups. Zij zijn de motor van de nieuwe economie. Iedere sector krijgt zijn Tesla, Beyond Meat, Amazon, Adyen of Moderna", stelt Constantijn van Oranje, special envoy van Techleap.nl. 

Toch is er nog steeds veel werk te verzetten, aangezien maar een klein aantal van de Nederlandse startups ook daadwerkelijk doorgroeit naar een scaleup. In Nederland gaat het om iets meer dan 1 op de 5 startups die deze stap weten te zetten, tegenover 60% van de startups in de Verenigde Staten. En ook het aantal 'unicorns' - startups die meer dan een miljard waard zijn - blijft in Nederland én Europa achter. Europa telt nu namelijk 359 unicorns, tegenover 1.222 in de V.S., zo vertelde Techleap.nl tijdens haar IGNITE 2022 Summit. Op die bijeenkomst werd het State of Dutch Tech-rapport gepresenteerd. Dat Nederland nu zo achterloopt, heeft te maken met drie verschillende uitdagingen, die draaien om de arbeidsmarkt, investeringen en deeptech. Voor die uitdagingen reikt de organisatie ook mogelijke oplossingen aan.

Uitdaging 1: Gebrek aan diversiteit en talent

De IT-arbeidsmarkt is de eerste uitdaging waar startups én de gehele techsector tegenaan lopen. De vraag naar IT-professionals neemt ieder jaar toe, maar het aanbod van IT'ers groeit niet snel genoeg mee. De spanning op de IT-arbeidsmarkt is daardoor ongekend hoog, ziet ook Techleap.nl. Tijdens de IGNITE 2022 Summit benoemt de non-profit dat 56% van de techvacatures moeilijk te vervullen is. En als er geen mensen zijn om werk te verzetten, wordt groei ook vrijwel onmogelijk.

Toch is die krapte in andere landen lager, weet de non-profit. Zo zijn in het Verenigd Koninkrijk slechts 37% van de techvacatures moeilijk vervulbaar. En mensen uit de markt zien tijdens de Summit ook wel kansen om dit probleem in ieder geval deels aan te pakken. Zo is het in andere landen gemakkelijker om werknemers te belonen met aandelen binnen het bedrijf, wat werk aantrekkelijker kan maken. In Nederland moet over zo'n werknemersbeloning direct belasting betaald worden. Dit in tegenstelling tot andere landen waar pas belasting betaald wordt als het aandeel te verhandelen is.

Daarnaast is er veel talent dat nog niet aangeboord wordt, meent onder meer Janneke Niessen, medeoprichter van investeerders CapitalT en VCVolt, "Er is een grote talentenpool binnen minderheden die nu onbenut blijft. We moeten het niet alleen hebben over diversiteit, maar deze mensen ook echt aannemen." 

Oplossingen in het onderwijs

Om dit soort problemen op te lossen, is het van groot belang dat er gelijke kansen komen, vindt Niessen. En dat begint al bij aandacht voor ICT op de basisschool: "Uit wat voor gezin je komt en welke kansen je hebt, maakt echt uit. Als jij als vierjarige al een iPad en een laptop hebt, maar een ander niet, dan krijgt die ander een achterstand die niet meer te overbruggen is." Juist daarom is het belangrijk dat er vakken als digitale vaardigheden al op de basisschool gegeven worden, maar ook dat leerkrachten de vaardigheden krijgen om de informatie over te brengen.

En ook in later onderwijs is verandering nodig. Nederland telt veel omscholingspartijen, maar die hebben niet allemaal accreditatie. "Codam doet het bijvoorbeeld net even anders en krijgt daardoor geen accreditatie. Als overheid moet je net even flexibeler zijn daarin. De toekomst ziet er anders uit dan het verleden", vindt Niessen.

Uitdaging 2: Investeerders

Een tweede uitdaging draait om investeerders. Er zijn namelijk wel partijen die in Nederlandse bedrijven investeren, zelfs vanuit het buitenland. Maar die investeerders kijken volgens Techleap vooral naar grote deals, die veelal pas gesloten worden als het bedrijf al enige tijd bestaat. Het binnenhalen van de eerste paar miljoen, als een startup pas net bestaat, blijkt lastig. In 2018 bestond 20% van de deals tot 1 miljoen nog uit deals met venture capitalists, in 2021 was dat nog maar 10%. 

Volgens Niessen is één probleem dat zogeheten engeleninvesteerders (angel investors) - die juist belangrijk zijn in de vroege fases van een bedrijf - niet heel zichtbaar zijn in Nederland. "Als ze niet in je netwerk zitten, is het bijna onmogelijk om een angel te vinden. En ik denk niet dat internationale investeerders pre-seed iets gaan doen, want daarvoor wil je iemand toch wel kennen en dat is lastig als je ergens anders zit."

Techleap ziet daarnaast een probleem bij het kabinet, zo schrijft het in de aankondiging van het rapport over de Nederlandse techmarkt. "Daar waar het kabinet tientallen miljarden vrijmaakt om de problemen rondom de transities op te lossen, ontbreekt de rol van het innovatieve bedrijfsleven in het oplossen hiervan, net als de middelen en ideeën om bedrijven uit de nieuwe innovatieve economie dit te laten aanjagen. Landen als Duitsland en Frankrijk geven hier wel duidelijk prioriteit aan in hun overheidsbeleid (zoals een belastingaftrek voor investeerders), waardoor de ontwikkelingen in de techsector in die landen veel harder gaan."

Oplossing: denk groot en aan pensioenfondsen

Toch zien experts ook hier wel oplossingen voor. Derk Arts, oprichter en CEO van Castor, dat nu ook in de VS actief is, adviseert startups vooral om groot te denken en direct over de grens te kijken, juist omdat Nederland een hele kleine markt is. "Start met een goed business plan en zie Nederland daarin niet als je enige markt. Als je een goed plan hebt, dan komen de investeerders wel", vindt hij. Daarnaast adviseert hij om hulp te zoeken, bijvoorbeeld in de vorm van een mentor of een incubator.

Van Oranje en Niessen zien daarnaast kansen voor pensioenfondsen. Nederland heeft een enorme pensioenmarkt, maar die draagt nu nog weinig bij aan vroege investeringen in techstartups. Tussen 2016 en halverwege 2021 ging slechts 0,01% van de totale Nederlandse pensioenactiva naar durfkapitaal. Van Oranje: "Daar zit echt een grote kans. Maar een fonds moet venture capital hier wel voor begrijpen en daar zit nog een soort frictie."

Daarnaast loopt er vanuit Techleap een voorstel, waar het ministerie van Financiën naar kijkt. Van Oranje vergelijkt dit voorstel met principes uit de vastgoedmarkt: wie een gebouw verkoopt mag de opbrengst daarvan inzetten om een nieuw gebouw te kopen. Het geld wordt dus opnieuw gebruikt. "Dat willen we ook voor ondernemers doen. Als zij een succesvolle exit doen [waarbij de startup bijvoorbeeld verkocht wordt aan een ander bedrijf - red.] dan kunnen zij dat geld weer opnieuw investeren als een soort angel-investeerder. En als die onderneming groeit, dan kunnen zij ook weer gaan investeren." Dergelijke concepten zijn volgens Van Oranje al uitvoerig en succesvol getest in het Verenigd Koninkrijk. 

Uitdaging 3: de lange adem van deep tech

De derde en laatste grote uitdaging draait om een speciale groep techstartups: deep tech. Dit zijn startups die veelal in de academische wereld bewegen en nieuwe technologieën gebruiken. Denk aan startups die werken met kwantumcomputing, nanotechnologie of robotica. Dergelijke bedrijven hebben de potentie om revolutionaire oplossingen te bedenken, bijvoorbeeld voor nieuwe chips en rondom duurzaam transport. Nederland heeft een sterk academisch klimaat en daarmee ook veel kansen voor dit deeptech.

Maar juist omdat deze startups met nieuwe technologieën werken en erg afhankelijk zijn van wetenschappelijk onderzoek, duurt het lang voor er resultaat is. Laat staan 'rendement'. Het kan soms wel vijf, tien of zelfs vijftien jaar duren voor ze écht iets op de markt kunnen brengen en dus geld kunnen verdienen. En dat is voor investeerders vaak minder aantrekkelijk.

Ook speelt mee dat het voor deze bedrijven soms nóg lastiger is om de juiste mensen te vinden, vertelt Marissa de Boer, medeoprichter en CEO van deeptech-startup SusPhos. SusPhos probeert afvalstromen met fosfaat om te zetten naar een proces zonder afval. Daarvoor worden alle elementen in een proces hergebruikt. "Daar is hele specifieke kennis en ervaring voor nodig die in Nederland niet veel aanwezig is", vertelt ze tijdens de IGNITE 2022 Summit. Ook speelt mee dat ze voor het eerst een eigen bedrijf is gestart en dus nog geen reputatie of ervaring heeft in ondernemerschap. "Het is dan lastig om mensen over te halen om voor mij te komen werken."

Oplossing: flexibiliteit en serie-ondernemers

Juist omdat dit soort bedrijven veel in de academische wereld zit, ligt de focus niet altijd op de groei van het bedrijf. "Je moet echt goed kijken naar wat je wil bereiken. Als je een groot bedrijf wil worden, dan moet daar de focus op liggen. Dus wat is daarvoor nodig?", zegt Van Oranje.

Wat daarbij kan helpen, is dat ervaren ondernemers bij dit soort startups werken of erin investeren. Zij hebben al een reputatie én ervaring met het opbouwen van een bedrijf. "Je maakt vaker in één keer de goede beslissing", vertelt Crijn Bouman, co-founder en CEO van Rocys, zijn tweede onderneming. "De eerste keer dat je dit doet, weet je niet waar je aan begint. Maar nu kan ik sneller beslissingen maken en weet ik hoe ik senior personeel kan overhalen om bij mij te komen werken. Bovendien is mijn netwerk veel internationaler, dus kan ik ook in het buitenland gemakkelijker mensen vinden."

Maar volgens Sven Bakkes - die ondernemer is, maar ook founding partner bij investeerder LUMO Labs - ligt een deel van de oplossing ook bij investeerders. Allereerst is een lange adem dus belangrijk, maar ze moeten ook rekening houden met dat jonge bedrijven regelmatig van koers of strategie moeten veranderen. "Als een investeerder wil je graag vooruitgang zien, wil je zien dat bepaalde mijlpalen behaald worden. Maar die mijlpalen kunnen heel anders zijn dan een jaar geleden. Dus als investeerder moet je daar ook wat flexibel in zijn." 

Lees meer over
Reactie toevoegen
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.