Nederland heeft eerste software-meetlab

16 februari 2012
Sinds vanmiddag is Nederland een zogeheten Software Energy Footprint Lab rijk, waar gemeten kan worden hoe zuinig bepaalde software is. Het SEFLab, zoals de instelling kortweg heet, is een initiatief van de Software Improvement Group (SIG) en de Hogeschool van Amsterdam (HvA).

Het lab is gevestigd in het gebouw van de HvA en het wordt gevuld met computerhardware die is geleverd door Schuberg Philis en meetapparatuur van de Hogeschool. Twee studenten zullen de spits afbijten bij het project, Vincent Tseng en Marco van Veen.

"We hebben natuurlijk al veel meetapparatuur in huis, maar ik zie wel aankomen dat we extra meetsystemen zullen moeten ontwikkelen en bouwen. Het gaat  om, dat we exact kunnen meten hoeveel energie wordt gebruikt in een server bij gebruik van bepaalde software. De onderzoekers hebben de beschikking over meters voor stroom en spanning, en een warmtecamera. Daarmee komen ze al een heel eind", zegt docent e-Technology aan de HvA Erik Steuten.

Software op zich vraagt natuurlijk geen energie. "Maar de programmacode zet wel de hardware aan het werk en dat kost stroom. Hoeveel dat precies is, is eigenlijk niet bekend en wil je plannen voor groene ICT goed uitvoeren, dan is die kennis wel hard nodig", zegt Jan Willem Tellegen, managing director van het Green IT Consortium Amsterdam.

De studenten gaan meetgegevens verzamelen, waarmee antwoord kan worden gegeven op vragen als:

  • Hoe 'zuinig' zijn de diverse programmeertalen?
  • Hoe verhouden de diverse databases zich tot elkaar?
  • Hoe ziet een betrouwbaar energie-benchmark voor software er uit?
Lees meer over
Reactie toevoegen
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.