Loopbaan

Carriere
Chris Hazenberg

Legacy-vraagstuk biedt kansen voor 50-plussers

‘Oudere IT’er beschikt over cruciale kennis’

29 maart 2018

‘Oudere IT’er beschikt over cruciale kennis’

Werkgevers klagen over krapte op de IT-arbeidsmarkt, maar er wordt nauwelijks gebruikgemaakt van de oudere IT’ers die bovengemiddeld vaak zonder baan thuis zitten. Terwijl die oudere IT’er vooral bij het oplossen van legacy-vraagstukken een cruciale rol speelt.

Dat stelt Chris Hazenberg, oprichter van het bedrijf Legacys en secretaris van de Stichting Legacy Innovation Alliance. Hazenberg is informaticus en werkte onder meer bij de KLM, de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI), was hoofd ICT bij de gemeente Leiden, waarna hij 2 jaar geleden voor zichzelf begon. Hij richt zich met beide jonge initiatieven op het complexe ICT-legacy-vraagstuk: de problematiek van vaak (zeer) oude vitale ICT-systemen die niet meer voldoen aan de huidige eisen. Binnen de stichting houdt hij zich bezig met het thema Human Capital. “Het thema dat mij erg nauw aan het hart ligt, is dat van de oudere IT’er. Iedereen komt aan het werk, behalve de oudere IT’er. Terwijl bij het oplossen van het legacy-vraagstuk juist die oudere ICT-professional een cruciale rol speelt.”

De noodzakelijke kennis van legacy-systemen – van architectuur tot functionaliteit - zit volgens Hazenberg bij de 50+ generatie. “Denk aan programmeurs van oude computertalen als Cobol, PL/I en Assembler. Of aan systeemprogrammeurs van mainframes of midrange systemen als AS/400. De kennis die nodig is om de systemen gecontroleerd uit te faseren en te transformeren naar innovatieve en wendbare oplossingen zit ook bij de oudere IT’er.”

Slechts 1% van de ingevulde ICT-vacatures komt voor rekening van een 50-plusser

En laat die groep het nou net heel zwaar hebben op de arbeidsmarkt, blijkt ook uit cijfers van het UWV. Slechts 1% van de ingevulde ICT-vacatures kwam vorig jaar voor rekening van een 50-plusser. Vorig jaar nam de werkloosheid onder IT’ers in Nederland met maar liefst 37% af, maar meer dan de helft van de nog altijd ruim 11.000 werkloze IT’ers die eind 2017 stonden ingeschreven bij UWV als werkzoekend is ouder dan 50 jaar. En 36% van de werkloze IT’ers is 55 jaar of ouder. “Ook als wist ik het, de kille cijfers zijn toch confronterend, zeker gezien de enorme krapte op de ICT arbeidsmarkt”, reageert Hazenberg.

Hein Hendriks

Hein Hendriks, bestuurslid Legacy Innovation Alliance (LIA)

 

Er is in de ICT vooral veel aandacht voor nieuwe ontwikkelingen, jonge professionals en innovatie, benadrukt hij. “Dat is prima, maar dat betekent niet dat we de bestaande IT en de oudere IT’ers moeten vergeten”, vult Hein Hendriks en net als Hazenberg bestuurslid van de Stichting Legacy Innovation Alliance aan. Daarnaast heeft hij een bedrijfje – Nstrada Groep - waarmee hij samenwerkt met experts op het gebied van Governance, Risk & Compliance.

Hendriks denkt dat het voor de huidige werkloze oudere IT’er lastig is geweest om om te scholen naar nieuwe moderne technieken. “Vaak wordt die stap te laat gemaakt, wordt de IT’er ook niet door de werkgever gestimuleerd, en belandt hij dus op de bank.” Bovendien zijn jongere professionals veel handiger in het oppikken van nieuwe technologieën, beweren de mannen. “Daar win je het als oudere ICT’er nooit van.”

Terugkeren in oude professie

Hazenberg en Hendriks geloven dat er naast omscholen nòg een mogelijkheid is oudere IT’ers, namelijk: terugkeren in hun oude professie. “Als de huidige trend zich doorzet en BV Nederland massaal inziet dat ‘doormodderen’ met legacy niet verantwoord is, dan is hun expertise heel erg nodig voor het transformatieproces. En wat is er mooier voor deze (meestal) mannen, om aan het slot van hun carrière belangrijk te kunnen zijn om de door hen ontwikkelde systemen gecontroleerd uit te faseren en verantwoord over te zetten naar nieuwe moderne omgevingen?”, reageert Hazenberg.

Na zijn studie Informatica ging Hazenberg werken als systems engineer bij de KLM. Daar leerde hij het vak van zijn oudere collega’s, die aan de wieg van de moderne ICT stonden. Hazenberg: “We bouwden betrouwbare, robuuste systemen. Eerst als zelfstandige systemen, maar later ingebed in complexe configuraties waaraan nieuwe functionaliteit en moderne userinterfaces zijn toegevoegd. Beheerd door ervaren en gedreven ICT specialisten en draaiend op ultramoderne hardware is een deel van deze oerdegelijke systemen nog steeds belangrijk. In dit geval voor de KLM, maar evenzo bij heel veel grote en kleine organisaties in de publieke en private sector.”

Inmiddels zijn die systemen zo oud, dat er echt wat mee moet gebeuren. Sommigen zullen vervangen moeten worden. Maar omdat het zo diep ingebed zit in de grote informatiesystemen van die organisaties, zal dat niet eenvoudig worden. “Daar heb je dus mensen voor nodig met de juiste kennis en expertise. En die groep wordt steeds kleiner. Bovendien heeft het management weinig aandacht voor dit probleem, omdat organisaties liever de nadruk leggen op nieuwe dingen. Voor een IT-manager die een aantal jaar op een positie zit is het veel aantrekkelijker om met zijn ICT-budget nieuwe zichtbare toepassingen te ontwikkelen, of zich bezig te houden met hypes als blockchain, dan om te zeggen ‘we moeten die oude systemen eens opruimen’. Dat levert functioneel niets op, is minder zichtbaar, is risicovol en wordt dus steeds op de langebaan geschoven”, merkt Hazenberg.

Stichting opgericht

Deze problematiek doet zich wereldwijd voor: publiek en privaat, multinational en MKB, dienstverlening en industrie. Hazenberg dacht 2 jaar terug: ‘Daar moet ik wat mee!’ en zette niet alleen een eigen bedrijf op, maar ook de Stichting Legacy Innovation Alliance. Doel van de stichting is awareness kweken voor dit probleem. Hazenberg: “Toen ik mijn bedrijfje begon heb ik met veel mensen gesproken en kwam ik erachter dat er voldoende kennis is om dit probleem een keer op te gaan lossen. Wat er mist in het geheel is de samenwerking tussen partijen. De problematiek bij de Belastingdienst is vergelijkbaar met die van de KLM. Banken kampen allemaal met dezelfde problemen. Maar organisaties lopen er niet mee te koop. Het is natuurlijk leuker om te vertellen dat ze ook investeren in blockchain. Je ziet dat er veel meer behoefte is om echt met elkaar te gaan samenwerken.”

Organisaties lopen niet te koop met hun legacy-problemen

De stichting Legacy Innovation Alliance (LIA) verbindt partijen die de spanning tussen legacy en innovatie ervaren en komt voort uit een initiatief van de Dutch Digital Delta. Uit een groot antal oriënterende bijeenkomsten kwam naar voren dat er meer moest worden samengewerkt, zodat er een ecosysteem rond legacy-vraagstukken zou ontstaan. Maar Economische Zaken, de opdrachtgever van de Digital Delta wilde dit niet zelf gaan doen en het liever overlaten aan de markt. “Toen hebben Hein en ik, samen met partner Frank Schalwijk gezegd: wij willen dat wel gaan doen. Met zijn drieën hebben we de stichting opgericht”, vertelt Hazenberg.

De stichting praat met tientallen verschillende partijen, vooral wetenschappers op universiteiten, aan de demand-kant de grote gebruikersorganisaties en aan de supply-kant de ICT-dienstverleners. Hendriks: “Wat je ziet is dat wetenschap graag aanhaakt en een betere relatie met de markt wil hebben om toepassingsgericht onderzoek te gaan doen. Supply hangt natuurlijk vanzelf aan, want die ruiken business. Wat lastiger is, is om de demand-kant aan te laten haken. We moeten ze zover gaan krijgen dat ze toe gaan geven dat er een issue is en dat ze er echt aandacht aan moeten gaan besteden.”

Omvang onbekend

Hazenberg wil oudere ICT’er met specifieke vakmanschap op het gebied van legacy mobiliseren. Hij benadert ze via LinkedIn en ook in de kaartenbak van UWV. Hij vindt het lastig om aan te geven hoe groot de groep legacy-specialisten is. “Als je op Cobol zoekt in Nederland via LinkedIn kom je op honderden professionals. Maar niet iedereen zet deze expertise in het profiel, want de nadruk wordt met het oog op de arbeidsmarkt vooral gelegd op actuelere skills.”

Met de stichting wil hij kennis die als afgeschreven staat, maar waaraan nog wel behoefte is nieuw leven inblazen. Een groot deel is nog actief, een deel is al met pensioen, maar een andere grote groep zit werkloos thuis op de bank. Hazenberg kent er velen die staan te popelen om weer aan de slag te gaan. Maar volgens hem is het voor die groep lastig om zelf organisaties te benaderen. “Zeker die oudere ICT’ers hebben weinig ervaring met het vinden van werk. Ze zijn in ieder geval meer gericht op de techniek dan op het creëren van business. Ze stappen niet zo snel op iemand af van ‘He! Heb je een baan voor me?’.” Die groep vindt het volgens hem prettig als dat voor ze georganiseerd wordt.

Zeker die oudere ICT’ers hebben weinig ervaring met het vinden van werk en kunnen hulp goed gebruiken

Hendriks vult aan dat die groep jarenlang gehoord heeft dat Cobol passé is en dat bedrijven er vanaf wilden. “Dus die zijn heel blij dat er nu iemand voor ze opstaat en zegt: ‘Jongens, jullie zijn WEL van waarde en de BV Nederland heeft jullie nodig!’.” Hij merkt dat oudere ICT’ers vaak ongelofelijk trots zijn op wat ze hebben gebouwd in het verleden. “Sterker nog: wat er nu gebouwd wordt is niet meer van die kwaliteit. Dat is natuurlijk een beetje ouwe lullen praat, maar het is wel waar. Dat zeggen de wetenschappers nu ook. Die maken zich ernstig zorgen over de kwaliteit van de software die nu gebouwd worden. IT’ers die nu opgeleid zijn kunnen gewoon minder goed programmeren, punt uit.”

Te hoge eisen

De IT’ers die nu thuis op de bank zitten vinden het volgens de mannen bijna allemaal leuk om weer aan de slag te kunnen. Wel stellen ze soms (te) hoge eisen. Zo willen ze vaak parttime aan de slag, willen ze de reistijd zo laag mogelijk houden en willen ze het liefst een vaste baan en niet gedetacheerd worden. “Dat bemoeilijkt het proces enigszins. Ik roep oudere IT’ers op om zich flexibeler op te stellen. Niet iedere werkgever is bereid om hen tegemoet te komen. Werkgevers zijn vaker geneigd om werk uit te besteden, te offshoren of te kiezen voor goedkopere, jongere krachten die zich flexibeler opstellen”, aldus Hazenberg.

De oudere IT’er voelt dat er met hem gesold wordt en voelt zich gefrustreerd. Volgens Hendriks hebben oudere IT’ers meestal geen competentieprofiel voor zichzelf ontwikkeld. Ze hebben jaar in jaar uit hetzelfde gedaan en werden afgedankt toen de werkzaamheden rondom die systemen werden ge-outsourced. “Maar het is ook hun eigen verantwoordelijkheid om daar uit te komen. Wij kunnen ze daarbij wel helpen. Niet individueel, maar als collectief. Voor ons is het de uitdaging de bundeling van mensen zodanig te organiseren dat ze gezamenlijk heel veel kennis hebben en dat we daar iets mee kunnen in de markt.”

De stichting wil voor die competentieprofielen aansluiten bij de methodiek die beroepsvereniging KNVI hiervoor hanteert en er wordt nu gekeken naar IT’ers die hiervoor in aanmerking willen komen. “Zo krijgen we meer zicht op de waarde die die groep vertegenwoordigt en kunnen we op organisaties die kampen met legacy-problemen afstappen. Zo van: ‘er is een pool van zo’n 30, 40 man en die kunnen met elkaar dit voor jullie betekenen’. Maar dan moeten organisaties ook eerlijk zijn over de problemen die ze ervaren op dit terrein. Als organisaties al weten wat hun behoefte is, zetten ze het vaak meteen uit bij een grote IT-dienstverlener en die lossen het op met detachering - vaak vanuit het buitenland. En dat is jammer”, licht Hendriks toe.

Kennis niet weggooien

Het is wellicht in eerste instantie goedkoper om het zo aan te vliegen, maar er gaat zo ook veel business- en cultuurkennis verloren. De context ontbreekt dan vaak, terwijl dat juist zo belangrijk is voor het beheer en de conversie van die systemen. “Als je functionaliteit of de specifieke dingen van de ene taal naar een andere taal of systeem of vorm moet overzetten, dan is het van cruciaal belang om te weten waarom bepaalde programmeerkeuzes destijds gemaakt zijn. En dat weten alleen die ‘silver foxes’, zoals wij de oude IT-rotten ook wel noemen. Er is destijds heel goed over nagedacht. Die kennis gooi je weg als je zegt: India of Polen: neem jij het maar over!”, aldus Hazenberg.

Hij baalt ervan dat organisaties vaak de nadruk leggen op het negatieve als het gaat om oudere IT’ers. Ze zouden duur en star zijn. Volgens Hazenberg is de kracht van oudere IT’ers hun specifieke kennis. “Ik wil ze veel meer in hun kracht zetten en zich weer terecht trots laten voelen.” Daarnaast is er het sociale aspect: waarom zouden er nu mensen op de bank moeten zitten, of in de ww, terwijl er gewoon klussen voor hen te doen zijn?”

Waarom in de ww, terwijl er nog klussen voor hen te doen zijn?

De mannen benadrukken dat er ook een verantwoordelijkheid ligt bij alle IT’ers, dus ook de oudere,  om zich te verduurzamen. “Je moet in staat zijn om jezelf steeds opnieuw uit te vinden. Helemaal in de IT-markt, waar de ene technologie over de andere heen dondert. En als je daarin afhaakt en je hebt 5 of 10 jaar achterstand, dan wordt het al heel moeilijk. De moderne systemen van nu, is de leagcy van morgen. Kijk maar naar SAP”, aldus Hendriks

Oudere IT'ers gezocht

Oudere IT’ers die graag hun rentree willen maken in de ICT om het legacy-probleem te verhelpen, kunnen zich melden bij de Legacy Innovation Alliance. Maar ook wetenschappers en organisaties aan zowel de demand als supplykant kunnen contact opnemen met de stichting.

 

Lees meer over Loopbaan OP AG Intelligence
Reactie toevoegen
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.