Jaarverslagen 2002 tonen diepe malaise

12 juni 2003
Omzetten in de ICT­sector daalden, marges stonden onder druk, arbeidsplaatsen gingen op ongekende schaal teloor en bedrijven die echt goed draaiden moeten met een lampje worden gezocht.
Neem bijvoorbeeld Copaco. Dat IT­handelshuis blijkt in 2002 sterk te hebben geprofiteerd van succesvol ingrijpen, nadat een reeks van kleinere overnames (onder andere A­line) het handelshuis in 2000 in de problemen bracht. Toen is effectief geherstructureerd. Ondanks een omzet die ten opzichte van 2001 met 4 procent terugliep, wist het bedrijf de kosten goed in de hand te houden, zodat marges uit de bus kwamen waarop menige IT­dienstverlener jaloers mag zijn.
De tegenkant daarvan is wel dat de werkgelegenheid afnam, van 327 naar 293 werknemers. Toch berust ­ volgens Effectenanalist Victor Bareño van SNS Securities ­ de flinke toename van arbeidsproductiviteit en de ebitda per werknemer niet alleen op snijden in personeel: "Er is heel goed gekeken naar het werkkapitaal. Voorraden werden teruggebracht, van gemiddeld 22 dagen in 2000 naar 17 dagen nu, en de debiteurenpositie werd drastisch verlaagd. Daarmee werd 2002 voor Copaco een absoluut topjaar."
Ook softwaremaker Exact_ presteerde in 2002 beduidend beter dan de meeste andere IT­bedrijven in Nederland. De 4 procent omzetstijging ten opzichte van 2001, naar 214 miljoen euro, is weliswaar niet schokkend, maar gezien de markt toch een prestatie. Wat daar in het geval van Exact bij komt, is dat het bedrijf z’n personele omvang belangrijk wist te vergroten zonder dat dit ten koste ging van de ebit­marge, die onveranderd op 22 procent uitkwam, waarmee het bedrijf in Nederland op eenzame hoogte staat.
Bij deze fraaie resultaten vallen niettemin wel enkele kritische kanttekeningen te maken. Zo is de groei grotendeels het effect van overnames. De autonome groei valt effectenanalist Frank Hermelink van Kempen & Co zelfs ronduit tegen.
Scala Business Solutions sprong er in 2002 eveneens in positieve zin uit, vooral door een behoorlijk groei in de werkgelegenheid, maar ook door een zich gunstig ontwikkelende ebit­marge en een duidelijke verbetering van de balanspositie. Analist Cornelis Bos van ING Barings schrijft de goede resultaten over 2002 vooral toe aan tijdige herstructureringen in 2000 en 2001. Verder tempert hij het enthousiasme door te wijzen op de minder gunstige ontwikkelingen in het lopende jaar: "De licentieverkopen over het eerste kwartaal vielen nogal tegen, en bestuursvoorzitter Mike Burnett is opgestapt." Waarschijnlijk had hij een verschil van mening met de commissarissen over de strategie voor de middenlange termijn. "Het bedrijf levert vooral software aan multinationale ondernemingen die de Scala­ oplossingen gebruiken als voordelige oplossing voor perifere locaties, terwijl op het hoofdkantoor wordt gewerkt met bijvoorbeeld SAP. Nu SAP zelf met een vergelijkbare ‘lite­versie’ komt, moet Scala keuzes maken."
Atos Origin mag zich rekenen tot de bedrijven die het verhoudingsgewijs goed deden in 2002. In een moeilijke markt werd de ebit­marge gehandhaafd op een alleszins redelijk niveau van 9 procent. Ondanks herhaaldelijk inkrimpen nam door overnames de personele omvang toe, zonder dat dat noemenswaardig ten koste ging van de omzet per werknemer, die licht afnam van 111.000 euro per jaar naar 110.000 euro per jaar.
Dat het met Atos Origin goed gaat, is volgens analist Sebastiaan Schreijen van Fortis Bank vooral het gevolg van vroegtijdig en ‘relatief sterk’ snijden in het personeelsbestand. De overname van het rekencentrum van KPN heeft belangrijke schaalvoordelen opgeleverd, waardoor de efficiëntie en daarmee ook de ebit­marge sterk verbeterde. Minpuntje voor het overwegend sterk presterende Atos Origin is de oplopende schuldenlast. Vooral de overname van KPMG Consulting heeft de balans zwaar belast en Schreijen wijst er dan ook op dat daarmee de competatieve positie bij het aangaan van outsourcingdeals mogelijk verslechtert: "Andere partijen, zoals IBM kunnen gemakkelijker wat aan de prijs doen als een deal per se rond willen krijgen. Voor Atos zal dat moeilijker liggen."
Een wat vreemde eend in de bijt van IT­bedrijven die het ondanks de moeilijke markt verhoudingsgewijze goed deden, is het niet beursgenoteerde Vertis. Het bedrijf wist zijn operationele kosten terug te dringen van 28 in 2001 naar 24 miljoen in 2002. Op zich wellicht geen indrukwekkende bedragen, maar in relatie met een omzet die met ruim 9 procent terugliep tot 29 miljoen euro ongeëvenaard. Het gevolg was dat de ebitda per werknemer omhoog ging van ruwweg 13.000 euro in 2001 naar 14.000 in 2002.
Onafhankelijke analisten die over Vertis iets te melden hebben, zijn er niet, maar gelukkig is ‘de best geïnformeerde analist’ in deze kwestie, Vertis’ financieel directeur Theo Conijn, bereid om uit leggen waaraan het succes over 2002 valt toe te schrijven: "Die verbeterde kostenstructuur is vooral het gevolg van het beëindigen van activiteiten met een lage marge." Conijn doelt daarmee vooral op pc­beheer en hardware­onderhoud, activiteiten waarin Getronics, Atos Origin en EDS door hun schaalgrootte nu eenmaal concurrerender zijn. De omzetbijdrage van deze lage­marge­activiteiten werd volgens Conijn teruggedrongen van zo’n 6 miljoen euro naar omstreeks 3 miljoen. Schouten vindt dat nog steeds wat te veel. Vooral in het buitenland hoopt hij op dit punt nog het een en ander te kunnen beëindigen.
Wat overblijft is een groeide omzet in applicatieonderhoud en software­ engineering op basis van fixed­price/fixed­functionality. Daartoe is Vertis een paar jaar geleden begonnen met het inrichten van een zogeheten softwarefabriek waar op basis van codebibliotheken snel en tegen lage kosten kan worden geproduceerd. Conijn stelt zich ten doel met de softwarefabriek te kunnen offreren tegen een tarief van 200 euro per functiepunt. "Een functiepunt is in software engineering wat een kubieke meter is in de bouw", verduidelijk hij.
Dat er, de ongunstige conjunctuur ten spijt, inderdaad groei zit in Vertis blijkt onder meer uit het feit dat ondanks de beëindiging van minder rendable activiteiten, de personele omvang met veertien man toenam tot 368 FTE per eind 2002.
Onder de bedrijven die zwaar werden getroffen door de IT­malaise valt in de eerste plaats BE Semiconductor Industries (Besi) op. De omzet van deze chipmachinefabriek kelderde met bijna 45 procent naar een niveau van 83 miljoen euro over 2002. De directie zette het mes in de loonlijst en bracht de personele omvang terug van 819 man in 2001 naar 673 FTE in 2002. Toch zakte de ebit­marge verder weg, van 3 procent negatief over 2001 naar 22 procent negatief over 2002. In 2001 werd per werknemer al een ebitda­verlies van 1.000 euro op jaarbasis geaccepteerd, maar in 2002 moest er 18.000 euro per werknemer bij.
Het klinkt allemaal heel dramatisch, maar eigenlijk was het voor Besi allemaal ‘calculated risk’. Het bedrijf opereert in een inherent cyclische markt en magere jaren horen er gewoon bij. Analist Jeroen Bos van Fortis Bank: "30 procent omzetverlies of meer is niet ongewoon in deze sector. Als de vraag weer aantrekt, gaat het daar ook onmiddellijk weer hard." Dat Besi er niet in slaagde de kosten gelijke tred met de omzet te doen houden, vindt Bos evenmin een probleem: "Als de omzet zo snel daalt, kun je dat met bezuinigen nooit opvangen." Gezien de ‘misschien wel veel te riante’ balans van Besi is het op dit moment hoge kostenniveau volgens Bos ‘geen enkel probleem’.

Wie het wel echt moeilijk heeft, is Magnus. Het bedrijf werd zwaar getroffen door stagnerende vraag. Vooral de omzetten in Azië en de VS stelden zwaar teleur. Diverse bedrijfsactiviteiten werden afgestoten en per saldo kwam over 2002 een omzet uit de bus van 19 miljoen euro. Daar viel niet tegenop te bezuinigen en de operationele marge zakte verder weg, van 2 procent negatief over 2001 naar 16 procent negatief over 2002. Ook de toch al niet hoge omzet per werknemer gleed af, van 67.000 euro in 2001 naar 42.000 in 2002. Daarop werd per werknemer 7.000 euro (ebitda) toegelegd. Zoiets doet de balans geen goed. Door de verkopen werd het vreemd vermogen wel teruggedrongen, van 11 miljoen euro naar 6 miljoen, maar gezien de inkrimping van de onderneming, is dat nog altijd fors. Wat het bedrijf er overigens niet van weerhoudt op overnamepad te gaan. Zo wordt gewerkt aan overname van Qurius, specialist in Microsoft Business Solutions. Of de herstructuringen voldoende zijn om Magnus weer rendabel te maken moet nog blijken. De eerste tekenen zijn niet ongunstig. Zo viel het nettoverlies over het eerste kwartaal van 2003 aanzienlijk lager uit dan vorig jaar.
Wie het in 2002 eveneens zeer moeilijk hadden, waren Logica en CMG. De cijfers van de twee dienstverleners zijn door de fusie per 1 juli 2002 wat lastiger te vergelijken, maar wat cijferwerk levert een gezamenlijke omzet over 2002 op van 2,9 miljard euro, te vergelijken met 3,4 miljard over het voorafgaande jaar. Dat is een daling met bijna 15 procent. Vermindering van het aantal tewerkgestelden met zo’n 1600 FTE kon dan ook niet uitblijven. Ondanks deze kostenreductie slonk de ebit­marge van 21 procent negatief naar 40 procent negatief, waarmee LogicaCMG onder de grotere bedrijven een diepterecord heeft. De schulden werden in 2002 lichtelijk teruggedrongen, maar relatief ten opzichte van de inzakkende omzet komt er toch een stijging uit de bus, naar 37 procent, wat aan de hoge kant is.
Effectenanalist Frank Hermelink van Kempen & Co. wijst erop dat Logica in de Benelux, 14 procent omzetverlies ten spijt, ‘redelijk’ draaide: "De pijn zit vooral in Frankrijk en Duitsland. Daar komt bij dat ook de balanspositie van Logica zich ongunstig ontwikkelde, waardoor ook de armslag om iets te doen aan de rendementsproblemen in Frankrijk en Duitsland vermindert."
Verder viel ook het beursgenoteerde Neways in ongunstige zin op. De geografisch sterk gespreid opererende toeleverancier van elektronicacomponenten zag z’n omzet met bijna een kwart inzakken naar 155 miljoen euro over 2002. Daarmee daalde ook de omzet per werknemer sterk. Dat grootschalige personele reducties uitbleven, heeft wellicht te maken met het feit dat de onderneming ondanks alles z’n ebitda­verlies per werknemer met ongeveer de helft terug wist te dringen tot een niet al te dramatische 750 euro over 2002.
Ten slotte moet ook Cap Gemini Ernst & Young (CGEY) worden gerekend tot de IT­bedrijven die in 2002, vooral wat betreft omzet en werkgelegenheid, nog slechter draaiden dan de meeste collega’s. De omzet van de gerenommeerde IT­dienstverlener kachelde concernbreed met maar liefst 16 procent achteruit naar 7 miljard over 2002. Reden om nog maar eens goed te kijken naar de personele bezetting. Gemiddeld over het jaar gerekend liep de werkgelegenheid met ruim 8 procent achteruit.
Effectenanalist Peter Olofson van Stroeve bevestigt dat de omzetontwikkeling bij CGEY ‘tegenvalt’, maar tekent daarbij wel aan dat de ruim 16 procent teruggang in de omzet voor een deel (zo’n 2,4 procent) het gevolg is van de ook in 2002 al dalende koers van de dollar ten opzichte van de euro, waarin CGEY rapporteert. Dat betekent dus dat het bedrijf ook dit jaar in de Amerikaanse markt op teruglopende inkomsten mag rekenen. Dat komt slecht uit, want de kans op enige compensatie vanuit de Franse en Nederlandse thuismarkt lijkt gezien de stagnerende vraag zeer gering. Olofson betwijfelt dan ook of het bedrijf zijn ebita­doelstelling voor 2003 (5 procent) wel zal halen.
 
Lees het hele artikel
Je kunt dit artikel lezen nadat je bent ingelogd. Ben je nieuw bij AG Connect, registreer je dan gratis!

Registreren

  • Direct toegang tot AGConnect.nl
  • Dagelijks een AGConnect nieuwsbrief
  • 30 dagen onbeperkte toegang tot AGConnect.nl

Ben je abonnee, maar heb je nog geen account? Neem contact met ons op!