Loopbaan

Carriere
Louis Spaninks

IT na corona: Online is toekomst én uitdaging voor IT-opleiders

Opleiders hadden verrassend veel moeite met omschakeling naar online.

Louis Spaninks © CA-ICT
22 juli 2020

Opleiders hadden verrassend veel moeite met omschakeling naar online.

Niet alleen bedrijven moesten aan het begin van de coronacrisis halsoverkop thuis gaan werken, ook de IT-opleiders moesten snel schakelen. Wat is er voor hen veranderd en welke ontwikkelingen zijn blijvend? In deel negen van de rubriek IT na corona spreekt AG Connect met Louis Spaninks, directeur van IT-opleidingsfonds CA-ICT.

Welke impact heeft de coronacrisis op de IT-opleidingen gehad?

“We hebben vanuit NLdigital tijdens de coronacrisis drie extra digitale sessies gehad met de opleiders die aangesloten zijn bij het ICT Leerplatform van NLdigital, waarin we keken wat er aan de hand was en wat er speelde. Bij die eerste call ontdekten we dat opleidingsinstituten ontzettend veel last hebben gehad van het feit dat er geen contactonderwijs plaats kon vinden. Heel veel van de normale activiteiten stonden in één keer op nul.

De online delen konden wel doorgaan, maar de meeste opleidingen zijn hybride. En de examens zijn op locatie, dus dat was ook kommer en kwel. Daarbij kwam dat veel bedrijven opdrachten doorschoven. Maart en april waren door al die problemen voor veel opleiders dramatisch.

We hebben in maart gekeken of we in ieder geval een protocol op konden stellen, zodat we op locatie dingen konden organiseren binnen de veiligheidsvoorschriften van de overheid. Bij de tweede call was iedereen blij dat dit protocol er was. Dan kun je tenminste wat doen. En opleidingsinstituten zijn meer online gaan organiseren. Daarbij liepen ze wel direct tegen het probleem aan dat alles online organiseren een heel ander business model is. Het vraagt hele andere competenties van bijvoorbeeld docenten, niet iedereen kan dat.”

Hoe gaat het nu?

“Volgens mij is er nu veel opgelost. Partijen zijn nu weer klassikaal onderwijs aan het organiseren, met anderhalve meter afstand. Dat is vrijwel altijd in een blended variant, een combinatie van digitaal en op locatie. De vraag is nu in hoeverre de markt zich weer herstelt. Een deel van de markt is weg, dat gebeurt altijd in een crisis.

Maar gelukkig staat er in de NOW 2.0-regeling nu expliciet dat bedrijven moeten investeren in het scholen van hun personeel. En er is nu 50 miljoen euro beschikbaar voor NL Leert Door. Dat is een enorme kans voor de IT-opleiders, want als er één sector is waar de crisis minder hard toeslaat, dan is het wel de IT. In feite gaat het dan niet om de sector, maar om digitalisering. Dat gaat nu een grotere vlucht krijgen.

De scholing blijft dus wel doorgaan. Voor de opleidingsinstituten lijkt op termijn de impact ook wel wat mee te vallen. Alle mensen die nu hun baan kwijtraken, die zoeken naar nieuw werk. Daar zit vrijwel altijd een digitaal component in, waar een opleider weer in kan begeleiden.”

Welke ontwikkeling heeft je het meest verbaasd?

“Dat bedrijven vaak toch niet over reserves beschikken. Als er grote opdrachten wegvallen, is het direct: ‘Help!’ Dat die drie maanden dat ze minder konden nu zo’n pijn geeft, dat verbaast me.

Daarnaast verbaast het me dat de IT-opleiders niet in staat waren om de switch te maken naar afstandsonderwijs. Ik snap het wel, want ze zijn hybride vormen gewend. Maar als hybride dan niet meer kan, blijkt dat direct een probleem te zijn. Ik heb het idee dat de mensen daar zelf ook mee worstelen. We zeiden namelijk altijd wel dat we het konden, maar dat konden we dus niet.

Dat is volgens mij ook een worsteling in het reguliere onderwijs: er gebeurt nu heel veel online. Dat is erg ingewikkeld, want je hebt niet echt contact met mensen. Het peer-to-peer-opleiden en -begeleiden is bijvoorbeeld lastiger. En het kan zo zijn dat mensen alleen online werken niet zo leuk vinden.

Maar er zijn ook instituten die alles altijd al online deden, zoals de Winc Academy. Ik vraag me nu af of de leercurve bij hen vergelijkbaar is als bij de opleiders die normaal gesproken hybride werken, en wat het leerrendement daar is.”

Zijn er ontwikkelingen waar we voor moeten oppassen?

“Er zijn niet direct grote gevaren, volgens mij. Er zijn zonder twijfel wel opleidingsinstituten die in de gevarenzone komen. Hier en daar zullen er dus een paar omvallen. Maar er zijn geen grote gevaren voor de gehele sector.

Wel is er een belangrijk probleem. Je ziet dat heel veel opleidingsinstituten gebruikmaken van inhuurkrachten. Het grootste deel van de docenten staat dus niet op de payroll. Ik heb in maart meteen aangegeven dat ze daar zorgvuldig mee om moeten gaan. Docenten maken de kwaliteit van de dienst. Het curriculum is echt zo spannend niet. Maar als je die docenten op nul zet en je gaat straks weer draaien, dan zijn ze er mogelijk niet meer voor jou.

De opleidingsinstituten die daar op een goede manier meer om zijn gegaan, die houden het netwerk bij elkaar. Zij kunnen nu weer opschalen. Maar heb je dat niet gedaan, dan heb je een probleem. Ik weet niet of de docenten dan nog zo enthousiast terugkomen.”

Zijn er ook ontwikkelingen die gunstig zijn?

“De ervaring dat alles online moest, was natuurlijk een fantastisch leermoment. Natuurlijk was het vervelend en de aanleiding was bizar. Maar omdat het in één keer moest en niemand een keuze had, is iedereen er nu wel doorheen gegaan. Daar kun je volgens mij heel veel van leren.

We hebben nu ontdekt dat je heel veel online kunt doen. Je hebt geen reistijd, je hoeft geen uren te vergaderen. Dit was echt een verplicht experiment en dat levert ook positieve dingen op. De crisis zelf is een drama, maar we leren ervan en gaan dingen efficiënter doen.

Ik denk dus dat we er absoluut positieve zaken uit gaan halen, voor iedereen. Dat geldt ook voor studenten en werkgevers, die nu denken: ‘Als die training op een andere manier gegeven kan worden, dan wil ik die best meer mensen aanbieden.’ Het kan nu namelijk goedkoper, omdat er geen locatie gehuurd hoeft te worden en er niet gereisd wordt.”

Wat is er volgens jou blijvend veranderd?

“Ik denk dat online een belangrijk element blijft. Je hebt minder ruimte nodig en je kunt flexibel omgaan met de dingen die je wel hebt, zoals je computers en leerplekken. En je kunt beter plannen, omdat je minder vierkante meters nodig hebt. Ruimte heb je nu sowieso nodig om afstand te houden. Maar als je meer online doet, kun je op het volume blijven draaien dat je gewend was. Ik denk dat er wel meer naar die combinatie gezocht gaat worden.”

Denk je dat er door de coronacrisis ook meer IT’ers bijkomen via omscholing?

“Ja, zeker. De verwachting is nu dat er 700.000 werklozen komen. Ik schat dat 50.000 in 2021 omgeschoold kunnen zijn naar IT-banen. De sector is vorig jaar ook enorm gegroeid en volgens de prognoses van begin dit jaar ging die groei ook doorzetten. Er is nu een dipje, en dat kan ook best. Maar je ziet dat het bij veel omscholingstrajecten goed gaat. Mensen krijgen vanuit daar ook werk. Dus alles wat nu wegzakt, komt ook wel weer terug.

Er zijn bovendien meerdere ontwikkelingen gaande. De omscholingstrajecten zien dat mensen veel richting ICT gaan. En beroepen ontwikkelen zich langzaam ook steeds meer tot IT-beroepen. Werk je nu dus in een sector waar geen werk meer is, dan kom je al snel bij een IT-baan terecht.

Ik denk dat het aantal IT’ers volgend jaar wel gegroeid is naar 550.000, dat zijn er 30.000 meer dan in 2019. Misschien krijgen we er zelfs wel 50.000 bij.”

Heb je nog een tip voor IT-managers of IT-bedrijven om overeind te blijven tijdens de crisis?

“Je moet gewoon door blijven ploegen. Werkgevers is nu duidelijk gemaakt dat je moet investeren in je mensen en bijscholing. Dan zijn zij ook ambassadeurs van jouw bedrijf. Moet je dan later afscheid van ze nemen, dan blijven ze ook een ambassadeur voor je bedrijf. En je motiveert je mensen meer. Dus het is alleen maar goed als bedrijven investeren in een leven lang ontwikkelen.”

Lees meer over Loopbaan OP AG Intelligence
Reactie toevoegen
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.