HP maakt HALO geschikt voor de desktop

18 februari 2011

“De oorspronkelijke versie van de HALO bestond uit drie grote videoschermen, camera’s en bijbehorende apparatuur, waarvoor een complete studiokamer gebouwd moest worden. Qua kosten zat je dan al snel op een bedrag van minstens 250.000 dollar, waardoor dit een systeem was dat alleen door directies van grote bedrijven werd aangeschaft”, zegt Les Shaw, algemeen directeur van het HP Visual Collaboration-team.

De videoconferencing wordt nu aangeboden onder de noemer Visual Collaboration. Cruciaal verschil is dat de HALO-codec, de module die zorgde voor de verwerking van de videosignalen, niet meer in hardware wordt uitgevoerd. “We hebben nu een softwarevariant ontwikkeld. Het product is er een stuk goedkoper door geworden. Je hoeft geen kwart miljoen dollar meer neer te tellen; een jaarlijkse licentie van 100 dollar is voldoende.”

In de software-uitvoering zijn maatregelen genomen om de prestaties te waarborgen. “Bij de grote HALO is de hele omgeving gecontroleerd en beheerd. Het netwerk wordt doorlopend in de gaten gehouden en getuned waar nodig. Bij een openbaar netwerk heb je die luxe niet, en zul je dus maatregelen moeten nemen om storingen te onderdrukken. Lukt dat niet, dan moet je ze voor de gebruiker onzichtbaar maken”, zegt manager Frank Kasparek van HP in Duitsland.

Aan de tand gevoeldDe codec die die taak uitvoert, is ontwikkeld in samenwerking met Vidyo. Dit is de zogeheten H.264 Scalable Video Coding (SVC). Kasparek: “Die techniek zorgt ervoor dat een videoverbinding goed blijft, ook al is het netwerk van een slechte kwaliteit.”

De H.264 SVC is aan de tand gevoeld door onderzoeksbureau Wainhouse Research, dat zich heeft gespecialiseerd in systemen voor videoconferencing. “Het gaat hier om een nieuwe techniek, die veel effect kan hebben op de markt. We hebben het vergeleken met de oude versie, te weten H.264 Baseline Coding (BC)”, aldus een woordvoerder van Wainhouse.

Beide technieken maken gebruik van compressie, wat ook niet verwonderlijk is, want anders kan een videostream van ruim 80 megabyte per seconde nooit over een kanaal met een bandbreedte van 5 à 10 megabit/seconde worden gestuurd. In vergelijking met de oude versie van H.264 consumeert de nieuwe techniek iets meer bandbreedte. “De datapakketjes bij SVC zijn groter dan bij BC. Het lijkt verkwisting om de toch al beperkte bandbreedte op te offeren voor non-video-informatie, maar die techniek zorgt er wel voor dat de beelden vloeiend blijven lopen. Zelfs als de bandbreedte heel klein wordt. De kwaliteit van het beeld wordt zodanig aangepast dat de gebruiker er zo min mogelijk van merkt, terwijl het beslag op de bandbreedte zo klein mogelijk is. Het psychologische effect op de gebruiker (‘mijn videoverbinding doet het altijd’) is hier het grootste winstpunt”, aldus de onderzoekers van Wainhouse Research.

 
Lees het hele artikel
Je kunt dit artikel lezen nadat je bent ingelogd. Ben je nieuw bij AG Connect, registreer je dan gratis!

Registreren

  • Direct toegang tot AGConnect.nl
  • Dagelijks een AGConnect nieuwsbrief
  • 30 dagen onbeperkte toegang tot AGConnect.nl

Ben je abonnee, maar heb je nog geen account? Laat de klantenservice je terugbellen!