Loopbaan

Carriere
lege collegezaal

Hoe dringen we de hoge uitval bij ICT-studies terug?

Meer aandacht voor eerlijke voorlichting en informatica als verplicht vak op middelbare school.

12 december 2017

Meer aandacht voor eerlijke voorlichting en informatica als verplicht vak op middelbare school.

De herinvoeren van Informatica als verplicht schoolvak zal het hoge uitvalpercentage bij ICT-studies terugdringen, verwachten hogescholen en universiteiten. Ook onze lezers zien daar wel in, maar ze hebben nog meer suggesties voor het hoger onderwijs.

Bijna een derde van het aantal studenten dat een ICT-studie doet op hbo- of wo-niveau haakt in het eerste jaar al af. Slechts 69% van de eerstejaars studenten Informatica en Technische Informatica op de Nederlandse universiteiten stroomt uiteindelijk door naar het tweede jaar. Bij Kunstmatige Intelligentie is dit zelfs maar 66%, bracht AG Connect onlangs in kaart. En van de hbo-studenten behaalt slechts 44% binnen vijf jaar het diploma van zijn of haar IT-opleiding.

Geen enkele andere universitaire studie kent zo’n hoog uitvalspercentage als bovengenoemde ICT-studies. Zelfs studies als rechten (doorstroming van 71%) en bedrijfskunde (71%) die de naam hebben een hoog uitvalpercentage te hebben, scoren beter dan ICT-studies op universitair niveau. En dat is jammer, aangezien het werkveld juist zit te springen om hoogopgeleid IT-personeel. Volgens het ROA houdt de krapte op de IT-arbeidsmarkt nog jaren aan.

12 uur per dag blokken

Een van de belangrijkste redenen voor de hoge uitvalcijfers zou zijn dat veel eerstejaars studenten zich vergissen in de technische, wiskundige kant van een ICT-studie. “Tja ik kijk hier niet echt van op. Ik heb dit zelf ook meegemaakt in mijn eerste jaar. De meeste beginnen en denken dat ze met 2 lessen volgen en op goed geluk het kunnen halen. ICT is echt iets waar je elke dag voor moet leren. Vooral in het eerste jaar heb ik vaak 12 uur of langer per dag moeten leren”, reageert student Johan Mulder. Een andere informaticastudent laat weten dat de hoge uitval tien jaar geleden ook al speelde: “De eerste les zaten er meer dan 200 man in de klas, 4 jaar later waren er nog maar 27 van over…”, schrijft Thomas Motshagen.

Barbara Visscher, Communicatiemanager bij het Leiden Institute of Advanced Computer Science (LIACS), laat in een reactie weten dat bij sommige aankomende studenten het idee leeft dat de studie hoofdzakelijk programmeren betreft. “Zij onderschatten de moeilijkheid en worden in het eerste jaar verrast door de technische en wiskundige kant van de studie (Wiskunde B is verplicht), met mogelijk uitval tot gevolg.”

Moeilijkheidsgraad niet altijd leidend

Bij de Universiteit Leiden ligt de uitval bij ICT-studies iets onder het landelijk gemiddelde: 26% van de eerstejaars Informatica heeft zich niet ingeschreven voor het tweede studiejaar. Dit percentage is volgens Visscher al jaren stabiel. “Andere redenen dan het te hoge technische gehalte om zich niet in te schrijven voor het tweede jaar, zijn het niet behalen van de vereiste 45 van de 60 ECTS. In Leiden behaalt zo’n 80% van de eerstejaars Informatica de BSA-norm, of de ontdekking in het eerste jaar dat een andere studie beter bij de student past. De moeilijkheidsgraad is dus niet altijd leidend bij uitval.”

Frank, een oud-informatica-student laat op onze site weten het geen goed idee te vinden de studie makkelijker of praktischer te maken. “Dit lijkt mij geen recht doen aan het universitaire gehalte, wat het doel is. Universiteiten leiden immers traditioneel niet op tot een baan, maar tot onderzoek. Dat het bedrijfsleven zo gretig gebruik wil maken van diezelfde kwaliteiten is prettig maar dat zou niet het doel moeten zijn... die insteek heet hbo.”

Henk van Boeijen is juist wel voorstander van de universitaire ICT-opleidingen praktischer toepasbaar te maken. “Ik kan mij wel voorstellen waarom studies als geneeskunde zo'n veel lager uitvalpercentage hebben. Die studies kennen een stevige practicumcomponent die het de studenten heel aanschouwelijk maakt waarvoor ze het doen. Dat motiveert om je ook door de noodzakelijke theorie heen te bijten. In de IT-opleidingen zetten zeer slimme bèta's de toon die een sterke voorkeur hebben voor methodisch werken en formeel-logisch denken. Vanuit die visie begin je met het leggen van een theoretisch fundament en kom je pas later toe aan de toepassing. Dat maakt de 'learning curve' steil en zorgt voor een onnodig hoge uitval aan het begin van het leertraject.”

Minder steile curve

Van Boeijen pleit er dan ook voor om de 'learning curve' wat minder steil te maken door meer praktijk naar het eerste jaar te verschuiven en van daaruit onderwerpen als predicatenlogica en relationale algebra te verkennen. “Al doende ontdekt de student dan ook het belang van een goede theoretische basis, maar tegelijk ervaart hij ook de 'fun' van het vakgebied.”

In zijn werkveld (softwareontwikkeling) komt hij een groot percentage collega's tegen die geen gerichte IT-opleiding hebben afgerond. “Vaak hebben zij een heel andere opleiding, een taal, biologie, landbouwwetenschappen, you name it, en soms hebben ze alleen een VWO- of Gymnasium-diploma en zijn ze autodidact. Zij missen soms kennis die hun voor de uitvoering van hun vak van pas zou kunnen komen, maar hé, ook zij kunnen leren. Ik merk in het dagelijks functioneren nauwelijks een verschil tussen de IT'er mèt en die zònder een gerichte vooropleiding. Hoewel… de tweede zou gemiddeld wel eens een iets pragmatischere instelling kunnen hebben. En dat biedt weer een mooi tegenwicht voor de hoogopgeleide bèta-wetenschapper die het perfecte logisch-correcte systeem wil ontwerpen waarmee de gebruiker niet wil werken en dat de gemiddelde ontwikkelaar niet kan onderhouden.”

 

Opleidingen anders organiseren

Atilla Vigh  benadrukt dat Informatica niet anders is dan wiskunde, natuurkunde of scheikunde: een exact vak, waar zaken als predicatenlogica, algoritmiek en systeemleer  vaste kost is. “Als je dat niet kan en wil, moet je het ook niet gaan studeren. Maar wat wij in de samenleving nodig hebben zijn praktisch onderlegde informatici. De vraag rijst dan of een zuiver exacte Informatica opleiding op een universiteit zoals dat nu is georganiseerd wel de juiste is?”

Vigh zou het liefst de middelbare school (inclusief MBO) samen willen voegen en iedereen tot 20 jaar verplicht op school houden. “In die gehele opleiding zit een praktische en theoretische afstudeerrichting op 3 niveaus: laag, middelbaar en hoog. Aan het eind van die opleiding heb je op zijn minst een basisberoepskwalificatie. Vervolgens zou ik het huidige HBO en WO samenvoegen. Daarin heb je 2 afstudeervarianten: een theoretische (vergelijkbaar met het huidige WO) en een praktische (enigszins vergelijkbaar met het huidige HBO opleiding, maar dan op WO niveau). Als je dan afstudeert aan het WO heb je een theoretical Master of een applied Master.” Bij de applied Master opleiding aan het WO zou hij het een goed idee vinden dat de docenten om en om les geven en in organisaties werken. “Dan krijg je pas echt kruisbestuiving.”

Informatica als verplicht vak

Veel experts en IT-professionals die wij om een reactie hebben gevraagd benadrukken dat het verplicht stellen van het vak Informatica in het voortgezet onderwijs wel eens zou kunnen helpen om de uitval bij ICT-studies terug te dringen. “Omdat Informatica niet standaard onderwezen wordt in het middelbaar onderwijs hebben aankomende studenten niet altijd het juiste beeld en de juiste verwachtingen van de studie Informatica”, vertelt Visscher van de Universiteit Leiden/LIACS (het Leiden Institute of Advanced Computer Science). “Door herinvoering van Informatica als schoolvak zal het percentage uitval verder verlagen. Tot die tijd continueren wij onze focus op het bieden van gedegen studievoorlichting.”

De Universiteit Leiden en LIACS organiseren een grote diversiteit aan voorlichtingsactiviteiten. Scholieren kunnen bijvoorbeeld Open Dagen en Meeloopdagen bezoeken, voor meiden uit 5- en 6-vwo is er een landelijke Informatics Ladies Day en Leidse Informatica-docenten én studentambassadeurs geven voorlichting op middelbare scholen en studiebeurzen. “Bovendien biedt Leiden studenten die Informatica willen studeren, de mogelijkheid tot ‘matching’: Sluit de focus en het niveau van de opleiding aan bij de interesses en capaciteiten? Wat verwacht de opleiding van haar studenten? Door het volgen van studieactiviteiten en een uitgebreid interview wordt kennisgemaakt met de studie en beslist de scholier zelf of hij/zij definitief start met de opleiding.” Deze matchingactiviteit is (nog) niet verplicht.

1
Reacties
Mark Paauwe 12 december 2017 12:58

Ik ben internetondernemer (begonnen op de MAVO), doe promotieonderzoek en ik geef tijdelijk les aan 3 VWO, maatschappelijk programmeren.

Het probleem is volgens mij niet het niveau van kinderen of studenten, of de moeilijkheidsgraad van de opleiding.

In mijn ogen is het probleem de lage kwaliteit van lesmateriaal en kwaliteit van onderwijsinstellingen.

Geen enkel normaal kind heeft een probleem om zichzelf Engels te leren op de lagere school, een iPhone te leren bedienen, een online game te leren spelen, te leren dansen, zingen koken, acteren en presenteren via youtube, te leren vloggen of facebook pages maken.

Echter de ouderwetse lesboeken aanpak met bladerdocenten in de klas, zoals veel scholen nog doen, zorgt er niet voor dat je iets (efficient of effectief) leert. Mijn analyse is zelfs dat we op het VWO kinderen afremmen qua leergierigheid en snelheid van kennisvorming.

Onderwijsinstellingen en docenten moeten zich volgens mij veel meer focussen op kinderen leren leren en motiveren. En kinderen moeten gewoon veel beter online /digitaal lesmateriaal krijgen in aanvulling op zeer goede boeken. En leren dat ze hun leven lang moeten doorleren.

In de VS en de UK krijgen kinderen een natuurkundeboek van 1200 pagina's. Dat boek is er al tientallen jaren. In Nederland krijgen de kinderen een "Science"-boek op het VWO wat meer een vakantie-kleur-en-doe-boek is.

Als we in Nederland dat boek nu eens als vertrekpunt zouden nemen en alles in het werk stellen met digitaal/online lesmateriaal dat alle kinderen van LBO tot aan VWO de stof die erin staat gaan beheersen. Dan hebben we heel wat minder uitval op MBO, HBO of Universiteit.

De lengte van het VWO en de universiteit kan ook korter. Het VWO kan terug naar vier jaar en de universiteit naar drie jaar. Daar zijn al diverse mooie experimenten mee gedaan.

Helaas zitten we in de EU en bestaat er EU-subsidie. En dat zorgt er volgens mij voor dat we steeds minder experimenteren, onderzoeken, uitvinden, ondernemen en innoveren in Nederland.

Als het aan mij ligt komt er snel een online Nederlandstalige+Engelstalige lagere school, MAVO, HAVO en VWO waar elk kind in de wereld op kan inloggen en in zijn eigen tempo kan leren.

We barsten van het talent onder de docenten en kinderen/studenten. We maken alleen nog geen gebruik van het talent.

Laten we dat gaan doen.

Ik zet nu de eerste stap.

Reactie toevoegen
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.