Google mengt zich in de webbrowserstrijd

5 september 2008
Het statische karakter van websites verdwijnt in rap tempo. In plaats van door internetpagina’s te bladeren, gebruiken immers steeds meer internetters het web voor online applicaties: webmail, ‘rich internet applications’ (RIA’s), Google Apps en zwaardere toepassingen als SharePoint.

De huidige browsers – Internet Explorer, Firefox, Safari en Opera – hebben enkele technische en conceptuele beperkingen en vormen zo een flessenhals voor de ontwikkeling van het internet als applicatieplatform. Juist op dat vlak ziet Google een toekomst (onder andere met zijn eigen Apps) en met Chrome probeert het bedrijf die beperkingen daarom te overwinnen. Uiteraard leidt een versnelling van zijn zoeksite ook tot meer zoekvragen en dus tot meer advertentie-inkomsten voor Google.

De snelle werking van de browser, die sinds deze week in een bètaversie voor Windows beschikbaar is, realiseert Google door middel van een aantal technische keuzes. De browser heeft een JavaScript Virtual Machine met de naam V8 ingebouwd gekregen. V8 – net als Chrome een open-sourceproject – moet de uitvoering van JavaScript-code flink versnellen door een zo kort mogelijke route naar de machinetaal van de CPU en door een optimaal gebruik van het werkgeheugen.

Een snelle JavaScript-afhandeling is overigens niet iets waar alleen Google mee bezig is. Mozilla openbaarde vorige week al zijn TraceMonkey en Microsoft roemt de JavaScript-capaciteiten van zijn net voor het grote publiek vrijgegeven IE8-bèta.

Optimaal geheugengebruik is ook het doel van een andere technische keuze van Google: het van elkaar scheiden van de lopende processen in de browser (sandboxing). Door elk proces onder andere zijn eigen geheugen toe te wijzen, ontstaat een soort multithreading-browser. Die heeft in eerste instantie iets meer geheugen nodig, maar volgens Google is de browser met deze aanpak na een halfuurtje surfen zuiniger met geheugen dan andere browsers omdat daarin ‘geheugenfragmentatie’ optreedt en ze dus trager worden. De sandboxing-technologie is waarschijnlijk afkomstig van GreenBorder, dat Google anderhalf jaar geleden overnam.

Het scheiden van de processen resulteert ook in stabiliteit. De ene webapplicatie kan de andere niet langer in de weg zitten en een ‘vastloper’ leidt niet per se tot het herstarten van de browser. De gebruiker kan desgewenst zien hoeveel geheugen en CPU-kracht de afzonderlijke processen verbruiken, net als in een besturingssysteem.

De verandering is ook gevisualiseerd in een andere tabbladvormgeving. In Chrome staan de tabs boven het URL-adresvak, dat met de standaardknoppen ernaast de enige balk vormt die standaard in beeld komt. Elke tab gedraagt zich daarbij als een afzonderlijke browser. Het verder nogal uitgeklede karakter van de browser – zaken als een bookmarkorganisatie-wizard ontbreken nog – is niet definitief, maar Google wil Chrome wel ‘lean’ houden.

Chrome is gebaseerd op het snelle Webkit, dezelfde grafische ‘rendering engine’ die voor Apple’s Safari is gebruikt. Datzelfde Webkit is ook verwerkt in de browser die Google voor zijn mobiele Android-platform heeft ontwikkeld.

De eerste tests met Chrome zijn veelbelovend. In de Acid3-test, waarmee is te controleren in welke mate een browser voldoet aan een serie moderne (en voor webapplicaties steeds relevantere) webstandaarden, komt Chrome er met een score van tussen de 71 en 79 goed af – beter dan Internet Explorer 7 en Firefox 3.0. Wel zijn er van nieuwe varianten van de concurrerende browsers bètaversies die het wat dat betreft beter doen. Qua snelheid laat Chrome de concurrentie in verschillende tests ver achter zich.

Google heeft onmiskenbaar weer een stap gezet in de verdere ‘Googlisering’ van het internet. Vooral Microsoft kan zich daar zorgen over maken. Als gebruikers via een Google-browser de Google-zoekmachine gebruiken en vervolgens allerlei Google-applicaties gebruiken om hun taken uit te voeren, krimpt de relevantie van Windows weer een stukje. Van een ‘online besturingssysteem’ waarop veel Google-watchers anticipeerden, wil Google-oprichter Sergey Brin echter niet spreken. “Aan het woord besturingssysteem is veel ballast verbonden. Wij hebben een lichtgewicht, snelle engine voor het uitvoeren van webapplicaties.” En zelfs als een volgende versie van Internet Explorer daarin door de concurrentie van Chrome nog beter zou scoren, zou hij dat nog als een succes zien.

Vraagtekens zijn er wel bij de relatie die Google heeft met Mozilla, de hoeder van Firefox. Mozilla ontvangt 85 procent van zijn inkomsten van Google, voor het gebruiken van diens zoekpagina als homepage. Die deal is onlangs tot eind 2011 verlengd, maar het is de vraag of Google daarna niet zijn eigen browser prefereert.
 
Lees het hele artikel
Je kunt dit artikel lezen nadat je bent ingelogd. Ben je nieuw bij AG Connect, registreer je dan gratis!

Registreren

  • Direct toegang tot AGConnect.nl
  • Dagelijks een AGConnect nieuwsbrief
  • 30 dagen onbeperkte toegang tot AGConnect.nl

Ben je abonnee, maar heb je nog geen account? Neem contact met ons op!