Management

Governance
Stop 5G

'Europese Commissie te veel beïnvloed door industrie inzake 5G'

Twee Europarlementariërs zien parallellen tussen 5G-discussie en het aanvankelijk ontkennen van problemen met asbest.

© CC BY-SA 2.0 - Flickr.com Thomas Amberg
23 juni 2020

Twee Europarlementariërs zien parallellen tussen 5G-discussie en het aanvankelijk ontkennen van problemen met asbest.

Klaus Buchner en Michèle Rivasi - beiden van groene partijen - beschuldigen de Europese Commissie ervan zijn oren te laten hangen naar een aan de telecomindustrie gelinkt onderzoeksinstituut bij het bepalen van de limieten aan elektromagnetische straling.

De twee hebben een rapport (pdf) met die strekking ingebracht bij het Europees Parlement. De International Commission on Non-Ionizing Radiation Protection (ICNIRP) zou te veel een bubbel zijn van gelijkgestemde wetenschappers die bovendien een gebrek aan kennis hebben over risico-analyse en biomedische expertise missen.

De twee vinden dat de Europese Commissie een nieuw openbaar en volledig onafhankelijk adviesorgaan zou moeten opzetten dat zich richt op niet-ioniserende straling.

Het effect van radiostraling op de gezondheid van mensen is de afgelopen jaren veel bediscussieerd. Bij de introductie van elke nieuwe vorm van draadloze communicatie, vooral van mobiele netwerktechnologieën, laait de discussie weer op. Er is een sterke verdeling in kampen, van burgers die claimen zich daadwerkelijk ziek te voelen door de radiogolven tot wetenschappers die zeggen dat er niets aan de hand is zolang maar stralingslimieten in acht worden genomen. Daartussen zit een groep die - ook gesteund door wetenschappers - vinden dat het geen uitgemaakte zaak is en het voorzorgsprincipe gehanteerd moet worden.

Conclusies kloppen niet

Buchner en Rivasi vindt dat het ICNIRP met name de laatstgenoemde voorzichtige groep buiten beschouwing laat. Het probleem is dat het wetenschappelijk onderzoek niet eenduidig is. Het ICNIRP staat op het standpunt dat er geen bewijs is dat de elektromagnetische golven die met name mobiele netwerken en wifi-netwerken opwekken schade toebrengen aan de gezondheid van mensen. Beleidsmakers nemen de aanbevelingen van ICNIRP over en verwerken die in de regelgeving.

De onderzoekers die het rapport van Buchner en Rivasi opstelden, halen een artikel aan - gepubliceerd in het gerenommeerde medisch tijdschrift The Lancet van december 2018 - waarin bij maar liefst 68 procent van 2266 onderzoeken een significant biologisch of gezondheidseffect werd gevonden van elektromagnetische velden (EMF). Dat betekent niet dat er direct sprake is van gezondheidsschade, maar het is wel een indicator bij een risico-inventarisatie. Stellen dat er onvoldoende wetenschappelijk bewijs is voor twijfel, klopt volgens Buchner en Rivasi niet.

Deze onduidelijkheid doet beiden denken aan de manier waarop jarenlang is omgegaan met tabak, asbest, klimaatverandering, gelode benzine en pesticiden. Omdat lang niet duidelijk is wat de gezondheidseffecten zijn en de belangen van producenten groot zijn, worden voorzichtige waarschuwingen genegeerd. Daarbij, zo claimen zij, is de bewering dat de ICNIRP belangeloos en vrij van de telecomsector zijn werk kan doen, een leugen. De steun die het instituut krijgt komt weliswaar niet direct van de telecomindustrie maar van overheden. Die zijn echter geen onafhankelijke partij in deze vanwege de hoge bedragen die telecomaanbieders bieden bij frequentieveilingen en de economische stimulans die de telecomnetwerken opleveren. Daarbij doet de telecomindustrie er alles aan om via gesponsord onderzoek, brochures en websites het publiek en overheden te overtuigen dat er geen enkel risico bestaat.

Tijd dus voor een echt onafhankelijk, publiek gefinancierde onderzoeksorganisatie, stellen Buchner en Rivasi. Bijvoorbeeld onder de vleugels van de WHO in plaats van een private onderneming als ICNIRP waar van buitenaf geen enkele toezicht op kan worden uitgeoefend.

Lees meer over Management OP AG Intelligence
2
Reacties
Mr A.F. le Gras 25 juni 2020 18:04

Het probleem zit hem niet alleen in wie welk onderzoek doet, maar vooral in WAT er bewezen moet worden, de schadelijkheid of de onschadelijkheid voor de gezondheid. Het heeft 50 jaar geduurd voor de " wetenschap" niet alleen erkende dat roken slecht was voor de gezondheid, maar ook dat het bewijs daarvoor decennialang en op grote schaal malicieus was bestreden door partijen die daar belang bij hadden. Ook nu zijn de voorstanders en degenen die belang hebben bij de realisatie van 5G dezelfden . Aangezien dit ook de partijen zijn die over enorme budgetten beschikken om hun standpunt "op wetenschappelijke wijze" te onderbouwen is de uitkomst daarvan voorspelbaar : de schadelijkheid kan niet bewezen worden. Als op basis daarvan 5 G eenmaal is toegelaten, is elk later bewijs van schadelijkheid niet alleen mosterd na de maaltijd, maar praktisch ook vrijwel onmogelijk, omdat dan de bewijslast is omgekeerd . We zien ditzelfde probleem ook elders. Als een nieuw medicijn eenmaal is toegelaten, wordt ook de bewijslast omgedraaid. Dan mogen de getroffen patienten de schadelijkheid ervan gaan bewijzen tegenover enorme batterijen juristen van de industrie. We weten uit talloze voorbeelden hoe dat afloopt. Met zoveel voorbeelden is het eigenlijk dus vreemd dat wéér geprobeerd wordt iedereen in slaap te sussen met het argument dat de schadelijkheid van 5G niet bewezen is. Zou het niet zo moeten zijn dat eerst de ONSCHADELIJKHEID van 5G maar eens bewezen moet worden, voordat er sprake kan zijn van grootschalige uitrol.

M. Commandeur 24 juni 2020 17:17

Goed dat dit aandacht krijgt.
Ik denk dat de wereld andere prioriteiten heeft dan het uitrollen van weer een nieuw en fijnmaziger mobiel netwerk. Elke burger snapt dat dit heel veel geld kost terwijl de maatschappelijke opbrengsten marginaal zijn. Ik heb het hier niet over extra omzet voor de telecom-industrie!
De mensheid zou vrij moeten zijn nieuwe technieken, na afweging (w.o. het voorzorgprincipe), al of niet te gebruiken.

Reactie toevoegen
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.