Management

Cloud
jumping clouds

De pijn van multicloud zit in de regie

Veel bedrijven proberen te standaardiseren op één cloudprovider, maar bedrijfsonderdelen beslissen regelmatig anders

© CC BY-SA 2.0 - Flickr.com John Jones
18 oktober 2018

Veel bedrijven proberen te standaardiseren op één cloudprovider, maar bedrijfsonderdelen beslissen regelmatig anders

Hoewel de aanbieders van cloudplatformen het graag anders zien, is voor de meeste bedrijven het gebruik van diensten van verschillende cloudaanbieders dagelijkse praktijk. Hoe ga je met multicloud om?

De groei in het gebruik van clouddiensten stelt IT-verantwoordelijken voor een nieuw dilemma. Hoe voorkom je dat data en applicaties opnieuw opgesloten raken in silo's waartussen uitwisseling niet of lastig te bewerkstelligen is.

Volgens Gartner is dit echter de realiteit van de toekomst: In 2019 is multicloud de algemene strategie voor 70% van de grotere bedrijven. Het hanteren van een multicloudstrategie heeft een aantal voordelen:

* Door te investeren in meer cloudplatformen kun je voorkomen in het keurslijf van een enkele leverancier terecht te komen. Afdelingen binnen het bedrijf kunnen elk kiezen welke diensten het best tegemoetkomen aan hun wensen.

* Door het inbouwen van flexibiliteit vermijd je bovendien een lock-insituatie die kan leiden tot verlies aan controle over de veranderingen in de dienstverlening die de cloudaanbieder goeddunkt, en onverwachte prijsstijgingen.

* De grote aanbieders van clouddiensten hebben weliswaar datacentra verspreid over strategisch gekozen regio's in de hele wereld, maar soms vereist nationale wet- en regelgeving dat data binnen de grenzen blijven. Een regionale cloudaanbieder voor het uitvoeren van specifieke workloads biedt in zo'n geval uitkomst.

* Het gebruik van verschillende cloudproviders stelt bedrijven in staat hun data over de wereld te verplaatsen op een manier die het best past bij hun bedrijfsactiviteiten en tegen zo laag mogelijke kosten.

Shell is een voorbeeld van een wereldwijd bedrijf dat gebruikmaakt van verschillende cloudaanbieders. Het energieconcern is onlangs ook een langdurige relatie aangegaan met Microsoft om het opschalen van kunstmatige-intelligentietoepassingen uit te voeren op het Azureplatform. "Wij doen niet alle clouddiensten met Microsoft", zegt Yuri Sebregts, CTO van Shell. "Dat zou ook niet mogelijk zijn. Dus werken we ook met de andere grote technamen, maar we maken heel bewuste keuzes wat we waar doen. We kijken naar de verschillende sterke punten van de partijen om een zinvolle keuze te kunnen maken."

Hij benadrukt echter dat het wel belangrijk is één partij te kiezen als strategisch partner per toepassingsgebied. "Het is niet zo dat je de ene week voor de ene dienstverlener kiest en de volgende week voor een ander. Loyaliteit en vertrouwen zijn belangrijk voor het bouwen van sterke relaties. We hebben ervoor gekozen om samen met Microsoft kunstmatige-intelligentietoepassingen voor procesinstallaties te ontwikkelen en om dat voor een redelijke tijd samen te doen. We houden natuurlijk wel scherp in de gaten of er goede nieuwe mogelijkheden beschikbaar komen bij andere techaanbieders en of we dan nog de mogelijkheid hebben om te over te stappen."

Volgens Sebregts is het heen en weer schuiven van workloads ook niet zo makkelijk. "Het hangt af van het type applicaties. Binnen grenzen is het goed te doen, maar het is niet hetzelfde als een schakelaar omzetten."

Shadow-IT blijft bestaan

Ook al zou het vanuit oogpunt van beheer makkelijk zijn om alles bij één partij onder te brengen, blijkt dat in de praktijk niet eens mogelijk. De afgelopen jaren is steeds duidelijker geworden dat afdelingen vaak leidend zijn in het gebruik van simpel in te richten clouddiensten. Daarbij kiezen projectteams of hele afdelingen de clouddiensten die hen het beste uitkomen, in veel gevallen zelfs zonder de CIO te raadplegen. In 2008 constateerde Billy Marshall, CEO van Path, al dat de CIO nog slechts zelden een leidende rol heeft bij het toepassen van nieuwe technologie. Destijds trok hij de vergelijking tussen hoe clouddiensten hun opmars maken binnen bedrijven en hoe dat in de jaren daarvoor al met opensourcesoftware was gegaan: De CIO is de laatste die het te weten komt, concludeerde hij. Maar dat hoeft niet per se een slechte zaak te zijn. Als de CIO maar flexibel genoeg is bij het inrichten van de bedrijfsbrede architectuur, zodat deze diensten daar inpassen.

PostNL koos al vroeg een strategie gericht op het gebruik van verschillende cloudaanbieders. De ervaring leert Joost van der Vlies, head of architecture bij het postbedrijf, dat het wel belangrijk is de regie in handen te houden, zei hij onlangs op agconnect.nl. Het is bijvoorbeeld de taak van de CIO om te voorkomen dat er dubbeling zit in de verschillende cloudservices. Het is bovendien belangrijk de code zo onafhankelijk mogelijk te houden van de platformservices. Verder moet de IT-afdeling zorg dragen voor integratie en datamanagement over verschillende clouddiensten heen en voor een overkoepelend identity- en accessmanagement.

Beheersoftware voor clouds

Een hulpmiddel bij het organiseren van de regie is het gebruik van een cloudmanagementplatform (CMP). Het toenemend gebruik van de publieke clouddiensten en hybride clouds, maar ook de multicloudstrategie van bedrijven is aanleiding voor de snelle opkomst van deze nieuwe categorie beheergereedschap. De markt voor dit gereedschap is nog sterk gefragmenteerd, concludeert Gartner in een recent rapport. Er tekenen zich ook nog geen echte leidende partijen in af. Er is een beperkt aantal grote bedrijven die CMP-functionaliteit bieden  – zoals VMware, Microsoft, Cisco en Red Hat – maar daarnaast staat een lange rij kleinere specialisten. Volgens Gartner moet een goed CMP aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • provisioning, automation en orchestration
  • service request management
  • governance & policy
  • monitoring & metering
  • multicloud brokering

Een andere factor die het schakelen tussen verschillende cloudvormen en -aanbieders vereenvoudigt, is de toename in het gebruik van containers en het eenvoudiger beheer daarvan met Kubernetesimplementaties. Containers vormen een onafhankelijke schil rond applicaties of applicatieonderdelen die het besturingssysteem en andere services afnemen van het onderliggende cloudplatform. "Kubernetes heeft zich snel tot een standaard in het beheer en orchestratie van containers en microservices ontwikkeld", constateert Fabio Gori, verantwoordelijk voor cloud solutions marketing bij Cisco, in een interview met AG Connect. Cisco schetste afgelopen zomer voor het eerst hoe het bedrijf de ontwikkeling van multiclouds bij zijn klanten wil ondersteunen. Het bedrijf werkt daartoe samen met Google, dat de basis legde voor het Kubernetesgereedschap voor het eenvoudig beheer van containers. Gori: "Wij zetten daarom in op een opensourceoplossing die door steeds meer cloudproviders wordt ondersteund, zoals IBM, maar ook door Microsoft én door AWS."

Dan Jeavons, bij Shell verantwoordelijk voor advanced analytics, noemt nog een tool genaamd Streamsets, dat het porteren van workloads vereenvoudigt. "Streamsets is erg handig geweest, omdat het in zekere zin een pijplijn creëert tussen on-premise en cloud en cloud-cloud." Zijn ervaring is overigens dat het migreren van workloads van on-premise naar de public cloud veel lastiger is dan het porteren van workloads van AWS naar Azure.

MAGAZINE AG CONNECT

Dit artikel is ook gepubliceerd in het magazine van AG Connect (nummer 11, 2018). Wil je alle artikelen uit dit nummer lezen, klik dan hier voor de inhoudsopgave.

Schuiven met workloads

Techveteraan Matt Asay constateerde onlangs in een column op TechRepublic dat het geen sinecure is om code te programmeren die op verschillende cloudplatformen kan worden uitgevoerd. Ontwikkelaars kunnen eenvoudigweg op Google Cloud of Microsoft Azure niet de services vinden waar zij bij Amazon Web Services (AWS) aan gewend zijn.

Maar omgekeerd heeft bijvoorbeeld Azure weer services die niet bestaan bij AWS of niet zo robuust zijn. Het gevolg is dat bedrijven toch vaak standaardiseren op een platform – zoals Shell heeft gekozen voor Azure – en er steeds uitstapjes zijn naar alternatieven, omdat de ontwikkelaars daar de voorkeur aan geven, gebaseerd op hun eigen kennis en ervaring en de door het betreffende bedrijfsonderdeel gewenste functionaliteiten.

Lees meer over Management OP AG Intelligence
Reactie toevoegen
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.