Loopbaan

Carriere
vrouw met laptop

‘De ICT heeft een type André Kuipers nodig’

Doorstroom vrouwen naar ICT-opleidingen hapert.

© CC BY 2.0 - Flickr ITU Pictures
12 april 2018

Doorstroom vrouwen naar ICT-opleidingen hapert.

Het aantal meisjes dat technische profielen volgt op middelbare scholen stijgt al 10 jaar, maar de doorstroom naar het hoger onderwijs blijft achter. Dat komt vooral door het stoffige imago van de ICT-branche onder vrouwen en het grote gebrek aan rolmodellen uit het werkveld, volgens Renée Prins van de Stichting HBO-i, de koepelorganisatie voor ICT-opleidingen.

De laatste tien jaar steeg het aantal meisjes dat een technisch profiel volgde. Op de havo steeg het aantal meisjes van 2 naar 10 procent, op het vwo ging het percentage van 6 naar 28 procent. De groei van het aantal vrouwen wat een technische studie volgt op het hoger onderwijs steeg diezelfde periode slechts met 1 procent, zo blijkt uit cijfers van het CBS. Opvallend, vooral omdat de vraag naar technisch personeel de laatste jaren stijgt en dit probleem in andere landen minder lijkt te spelen. 

Volgens Renée Prins is het achterblijven van deze groei voornamelijk te wijten aan het imago van de branche en het gebrek aan inzicht in de ICT-wereld. “ICT en techniek zijn containerbegrippen, het zegt leerlingen te weinig. Potentiële studenten hebben geen goed beeld van de beroepen die met een technische of IT-opleiding kunnen worden gekozen. Het heeft in de ogen van de (vrouwelijke) leerlingen vaak een stoffig en moeilijk karakter, terwijl ze dus eigenlijk geen goed beeld hebben van wat je allemaal kunt doen in de branche.”

“Daarnaast, en evenzo belangrijk, missen we rolmodellen. Mensen uit het werkveld die leerlingen kunnen enthousiasmeren om de ICT-branche in te duiken. Eigenlijk missen we iemand die voor de ICT betekent wat bijvoorbeeld André Kuipers betekent voor de wetenschap.”

Vrouwen van grote waarde

De VHTO, het landelijk expertisebureau voor meisjes en vrouwen in bèta en techniek, is samen met de Stichting HBO-i druk bezig met de gender balance in de ICT. Zo organiseert de VHTO vandaag de GirlsDay, de jaarlijkse dag om meisjes van 10 tot 15 jaar kennis te laten maken met de wereld van bèta, techniek en ICT. Prins: “Een heel belangrijk initiatief. De beeldvorming over ICT en techniek is vaak nog dat daarin werken ‘iets voor jongens’ is, en dat is vaak onterecht. Meisjes en vrouwen kunnen van grote waarde zijn, door hun vermogen om abstract te denken en logisch te redeneren."

“Het is een beeldvorming die diep zit, maar met dit soort evenementen doorbroken kan worden. Door dit soort dagen maken meisjes kennis met de beroepen die je met een technische opleiding kunt uitvoeren, en dit levert heel veel enthousiasme op. Kinderen en vooral meisjes bekender maken met dit vakgebied is dus heel belangrijk.”

Op middelbare scholen wordt nog te weinig in die kennismaking geïnvesteerd, vertelt Prins. “Er zijn eigenlijk te weinig momenten dat leerlingen in aanraking komen met technische functies. Het vak informatica wordt bijvoorbeeld niet op alle scholen aangeboden, en is überhaupt geen verplicht vak. Hoewel duidelijk is dat er een steeds grotere vraag komt naar ICT’ers van alle niveaus, is dit nog steeds een probleem.”

Nederlands probleem

Volgens Renée Prins is het gebrek aan vrouwen en meisjes vooral een Nederlands probleem. “In het buitenland is er vrijwel geen probleem met het ontbreken van vrouwen. Sterker, veel vrouwen kiezen daar voor een functie in de techniek of ICT. Vooral in Azië zijn veel vrouwen werkzaam in de branche, maar ook in Europese landen is dit het geval. Het gaat tenslotte vaak om schone, veilige beroepen in een werkveld dat 24/7 doorgaat. De werktijden zijn dus ook makkelijk te combineren met eventuele zorg voor het gezin, mocht dat meespelen. In Nederland is dit echter totaal anders. De meeste meisjes kiezen na de technische profielen Natuur en Techniek en Natuur en Gezondheid voor andere en meestal maatschappelijke vakgebieden, zoals de Gezondheidszorg.”
 

Reactie toevoegen
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.