‘Communicatie via gedachten is veel preciezer’

3 maart 2005

Over tien jaar laat Kevin Warwick een chip in zijn hersenen aanbrengen. En dan is hij een Cyborg - een mens-machine, vindt hij. Warwick hoopt dat hij met de chip via zijn gedachten met een ander - die ook zo’n chip heeft laten implanteren - kan communiceren. Bovendien is hij er van overtuigd dat de mens in de toekomst niet anders kan: hij moet zich uitbreiden met elektronische hulpstukken om zijn geheugen en mogelijkheden te vergroten. En dat moet wel, stelde hij vijf jaar geleden al. "Want straks kunnen we via internet communiceren met alleen onze gedachten. Daarmee worden de menselijke spraak en taal overbodig en kan de mens alleen niet meer concurreren met intelligente machines of Cyborgs." Dat klinkt wat doorgeslagen. Hij trekt er in elk geval de aandacht mee. En daarmee ook aandacht voor de mogelijkheden van chipimplantaten die gehandicapten nu al veel meer mogelijkheden zouden kunnen geven. Zij het dat "de medische industrie het commercieel niet interessant vindt omdat het aantal potentiële klanten daarvoor niet groot genoeg is."
Kevin Warwick is als hoogleraar cybernetica verbonden aan de universiteit in Reading. Hij richt zich vooral op onderzoek met robots en wordt daarvoor wereldwijd hooglijk gewaardeerd. Maar hij trok vooral de aandacht met de chips die hij in zijn arm liet implanteren.
In 1998 liet Warwick een chip in zijn arm plaatsen die ervoor zorgde dat binnen het universiteitsgebouw in Reading de deuren zich als vanzelf voor hem openden, het licht aanging als hij binnenkwam en zijn computer hem met een welgemeend ‘hallo’ begroette.

Bewegen op afstand
Vier jaar later ging hij wat verder. Een chirurg implanteerde een chip met 100 elektroden in een zenuwbaan van zijn linkerarm. De elektrodes waren 1,5 mm lang en ze zijn in een zenuwbaan geplaatst met 10.000 zenuwen: die werd via een radiozender met een bereik van tien meter verbonden met een computer. De chip en de zender hebben er drie maanden in gezeten. Een robothand was eveneens met het netwerk verbonden. Als Warwick vervolgens zelf zijn hand liet bewegen, bewoog de robothand precies zo. Ook toen hij vanuit New York via internet de robothand in het Britse Reading liet bewegen. "Dus kun je gewoon stellen dat mijn brein die robothand bestuurde." Hij bestuurde op die manier ook rechtstreeks een rolstoel. "Als dat allemaal goed werkt, waarom zou je dan niet een auto met je hersenen kunnen besturen? Voor mij was die chip in mijn zenuwbanen leuk en interessant. Maar voor mensen die verlamd zijn kan het een grote verbetering opleveren."
In de hoop dat hij via zijn gedachten kon communiceren of in elk geval emoties kon laten voelen door een ander, kreeg zijn vrouw eenzelfde chip in haar arm geïmplanteerd. Zij kreeg vervolgens een ‘wearable computer’ in de vorm van een halsketting. "Die kleurde blauw als ik kalm was en rood bij opwinding. Zo kon zij op afstand mijn gevoelens waarnemen, maar niet voelen overigens. We voelden het wel als de een wat met zijn hand deed, niet wat hij of zij deed maar wel dat hij iets deed. Emoties voelden we overigens ook niet."

Brein-computer-interface
De plannen om een zelfde chip in zijn hersenen te laten implanteren, zijn voor hem een logisch vervolg op dit experiment. "We werken aan een brein-computer-interface. Drie jaar geleden zijn we al begonnen chips te implanteren bij mensen die verlamd zijn. Daarmee kunnen ze technologieën met hun hersenen aansturen, ja ook auto’s. Maar dat vereist goedkeuring van heel veel instanties en die is moeilijk te krijgen. De maatschappij kan het domweg niet accepteren dat dit kan. Maar we gaan gewoon verder. Over twee jaar starten we met chips in de hersenen van patiënten. Er zijn er genoeg die mee willen doen. Van die experimenten moet geleerd worden op welke posities in het brein de chips aangebracht moeten worden. Ik wil wel zeker weten dat als het straks bij mij gebeurt, dat het ook op de juiste plek wordt aangebracht. Een hersenoperatie is heel wat riskanter dan een in je arm. De meeste implantaten pikken signalen op van de hersenen. Bij mijn weten zijn er geen implantaten die de hersenen signalen laten oppikken, terwijl dat wel nodig is voor communicatie. Dat is dus gevaarlijk. Dat kan veranderingen in de hersenfuncties tot gevolg hebben."

Proefkonijnen
De gehandicapten die straks als eersten chips in hun hersenen laten aanbrengen zijn in wezen proefkonijnen. Kan dat wel? "Er zijn er genoeg die mee willen doen. We hebben er ook goedkeuring voor gevraagd, ook op het ethische vlak. Als je iemand helpt, dan vinden de meesten dat wel prima. Maar heb je het over communiceren alleen via je gedachten, dan schrikken veel mensen. Ze zijn er niet tegen, maar ook niet voor. Dat moet je het dus zelf gaan sturen. Totdat iemand echt ‘nee’ zegt. Dan veranderen we gewoon van richting. Daarom roep ik nu al heel hard dat ik over tien jaar zeker een chip in mijn hersenen laat implanteren en die verbind met een computer. Dan staat het zwart op wit aangekondigd. Dan kunnen al die mensen er alvast over nadenken en kunnen ze straks ook niet zeggen dat ik het niet lang tevoren heb aangekondigd."
Het risico dat Warwick over tien jaar neemt, is groot. Waarom doet hij dat?
"Ik ben afkomstig uit de telecom. Kijk naar Bell met zijn eerste telefonie. Het gaat bij zulke vindingen niet alleen om techniek. Maar ook om het pionieren. Dat geldt ook voor mij. Eigenlijk wil ik gaan waar niemand ooit gegaan is. Ja, boldly! Maar dat is het persoonlijke aspect. Het is spannend! Maar er is ook nog een ander doel. De komende twee - drie jaar kunnen we mensen met neurologische problemen gaan helpen. Er is daar weinig veldonderzoek gedaan. Dat is belachelijk. De techniek is er maar die is commercieel niet zo interessant omdat het aantal afnemers, patiënten dus, te klein is. Zelfs een blinde kan er mee geholpen worden!"
Warwick trekt veel belangstelling, maar loopt ook tegen veel scepsis op. "Met mijn eerste implantaat, een RFID-chip, kon ik de deur voor me laten opengaan bijvoorbeeld. Dan waren er mensen die zeiden ‘dat kan toch ook met een chipcard’. Dat zijn dus mensen die niets willen veranderen. Toen Bell de telefoon uitvond, zijn er vast wel mensen geweest die daar ook raar tegenaan keken. Hij ging in een kamer staan en kon telefoneren met iemand in een andere kamer. Er heeft vast wel iemand gezegd dat hij net zo goed naar die persoon toe had kunnen lopen..."

Jongensdroom
Toch valt het met die werstand tegen chipimplantaten reuze mee. Zo is er de Verichip met medische informatie die mensen kunnen en ook laten implanteren. En de Rotterdamse Baja Beachclub waar bezoekers een RFID-chip laten inbrengen voor een VIP-behandeling. "Er zijn zeker meer dan duizend mensen die nu rondlopen met zo’n RFID. Het is een interessant mechanisme dat mensen er om mode-redenen voor zijn gegaan. Voor hen is het een gadget en dat trekt een groep aan. Mooi hoor, want hoe meer meer mainstream het wordt hoe meer toepassingen er straks mogelijk zijn."
Warwick mag er dan nog zo veel nobele motieven voor hebben, hij kan er ook zijn jongensdroom mee vervullen: een Cyborg - een mens/machine - worden. "Strikt genomen ben je dat natuurlijk ook met een pacemaker in je lijf. Maar voor mij geldt wel als voorwaarde dat het je mogelijkheden moet vergroten - en dan meer je mentale dan je fysieke. Ik hoop te kunnen communiceren via mijn gedachten. Voordelen genoeg! Mensen zijn erg beperkt in hun brein. Vergelijk dat maar met computers in een netwerk - geheugen en kennis. Kon ik maar direct e-mailen, de wereld anders voelen. De mens kent maar vijf senses. Met infrarood bijvoorbeeld kunnen wij niets, terwijl een machine dat wel kan: ik kan daar dan bijna jaloers op zijn.
En wat zou je tobben met spraak en taal? Dat is van het stenen tijdperk. Als je via je gedachten communiceert, kun je veel preciezer zijn. Er zijn dan geen misverstanden. Ik moet studenten nu vaak dingen vijf keer vertellen en op het tentamen blijkt dan dat ze het nog niet begrepen hebben. Ik schaam me dat ik zo moet communiceren. Bovendien krijg je als Cyborg veel meer mogelijkheden. Het menselijk brein denkt over dingen in drie dimensies. We wonen echter in een wereld waarin veel meer dimensies zouden kunnen zijn. Fysici zeggen dat er zeker elf zijn. Ik zou zelf al blij zijn als ik vijf dimensies kon ervaren. Of vier. Als tijd de vierde dimensie is, zou je in tijd kunnen reizen. Ja, dat is science fiction, maar je weet maar nooit,
Maar ik denk dat vijf dimensies wel genoeg zouden zijn voor het brein. Wellicht zouden we de wereld beter begrijpen. Je verliest er niets mee, je wint er alleen maar bij."
En wat blijft er over voor de ICT’er als straks alle mensen zo veel mogelijkheden krijgen als Cyborgs? Die vaart er wel bij, vindt Warwick. "Netwerken worden veel belangrijker, omdat onze hersenen ermee verbonden worden. Dan is het voor ons van vitaal belang dat de juiste protocollen toegepast worden, dat hackers geen toegang krijgen, dat virussen worden afgeweerd, want dat kunnen dan biologische virussen worden - we hebben dus een biotechnisch antivirus nodig. ICT’ers worden alleen maar belangrijker."
Warwick heeft het alleen over uitbreidingen van het lichaam. Kan er ook nog iets weg?
Er is veel overbodig aan het lichaam. Ik zou wel infrarood-gevoel willen hebben. Dat ik dan lichaamswarmte achter een muur zou kunnen herkennen. Of ultrasonische sense. Dan kun je heel erg accuraat afstand voelen. Ja, in ruil daarvoor kan mijn geurgevoel wel weg. Dat is niet zo’n kritische functie. Of - nog beter: smaak. Met de Engelse keuken kun je je smaak makkelijk missen!!!!"
Kevin Warwick schrikt er niet voor terug om omwille van onderzoek met chips in zijn lijf rond te lopen.

 
Lees het hele artikel
Je kunt dit artikel lezen nadat je bent ingelogd. Ben je nieuw bij AG Connect, registreer je dan gratis!

Registreren

  • Direct toegang tot AGConnect.nl
  • Dagelijks een AGConnect nieuwsbrief
  • 30 dagen onbeperkte toegang tot AGConnect.nl

Ben je abonnee, maar heb je nog geen account? Neem contact met ons op!