Betalen op internet krijgt herkansing

11 augustus 2005
Wie herinnert zich nog I-Pay, al dan niet voorzien van Secure Electronic Transaction (SET)? I-Pay was een door Interpay in opdracht van de gezamenlijke Nederlandse banken ontwikkeld betaalsysteem voor internet. Het was bedoeld voor zowel betalingen met bank- en giropas als met de creditcard.
I-Pay was weliswaar superveilig maar ook uiterst omslachtig. De Postbank-klant bijvoorbeeld moest een zogenaamd ThuisChipper-kastje op zijn pc aansluiten, digitale certificaten ophalen, toegangscodes invoeren en ‘consumer wallet’-software installeren. Pas als dat allemaal was gelukt, kon het kopen op internet beginnen - bij het handjevol webwinkels dat het systeem ondersteunde.
Het streven naar een uniform betaalsysteem was op deze manier gedoemd te mislukken. I-Pay ging in 2002 definitief ter ziele. De ThuisChipper doet hier en daar wellicht nog dienst als presse-papier of saldolezer voor de Chipknip. Uit het experiment werd duidelijk dat de consument voor online-betalen geen aparte apparatuur en software in huis wil halen.
In de daaropvolgende jaren hebben de banken en andere partijen individueel en met wisselend succes een ratjetoe aan betaalsystemen in de markt gezet. ABN Amro Wallet, Rabobank Direct en Way2Pay (van ING) zijn slechts enkele voorbeelden. Ook sommige buitenlandse systemen als PayPal drongen tot Nederland door.

Onstuimig
De behoefte aan een breed gedragen standaard voor online-betalen was echter niet verdwenen. Niet in de laatste plaats omdat het kopen op internet - weliswaar vanuit een bescheiden startpositie - nog altijd een onstuimige groeit vertoont. De markt voor ‘kopen op afstand’ groeide vorig jaar met 13,5 procent tot 2,84 miljard euro, blijkt uit de Thuiswinkel Markt Monitor van Blauw Research en brancheorganisatie Thuiswinkel.org. Van dit totaalbedrag was internet goed voor 1,68 miljard euro, 35 procent meer dan in 2003.
Het aantal online-kopers groeide vorig jaar met 16 procent tot bijna vier miljoen. "Verkoop via internet is volledig verantwoordelijk voor de groei van de totale markt. Catalogus-winkelen blijft wel belangrijk, maar dan vooral voor het genereren van online-verkoop", constateert Wijnand Jongen, directeur van Thuiswinkel.org.
In november vorig jaar publiceerde de 220 leden tellende brancheorganisatie zijn tweede ‘position paper’ over het online betalingsverkeer in Nederland. Een eerste beleidsstuk, eind 2002 uitgebracht, had toen nog niet het gewenste resultaat opgeleverd. Jongen: "Wij pleiten al jaren voor transparantie, standaardisatie en interoperabiliteit in het online betalen. Daar schort nog heel veel aan. Een eenduidig betaalsysteem zou de online-verkopen een enorme duw kunnen geven."
Het lijkt erop dat de smeekbedes van Thuiswinkel.org eindelijk toch effect zullen sorteren. De grote banken doen binnenkort een nieuwe poging om samen het online-betalen van de grond te tillen. In september 2004 kwamen ABN Amro, ING Bank, Postbank en Rabobank met de aankondiging van iDEAL (letterlijk ‘I deal’, ik handel), dat een einde moet maken aan de wildgroei van betaalsystemen - Way2Pay bijvoorbeeld is op 1 april al gestopt - en eenvoudiger werkt dan het geflopte I-Pay.

Initiatief
Het eerste initiatief voor het nieuwe systeem was afkomstig van ING Groep (ING Bank, Postbank) en Rabobank, vertelt Michel Peekel, secretaris van de stuurgroep iDEAL. Beide financiële instellingen staken de koppen bij elkaar om de opgebouwde deskundigheid op het gebied van online-betalen beter te benutten. Zij wilden ook inhaken op de pleidooien van Thuiswinkel.org voor een gestandaardiseerd betaalsysteem.
Peekel: "Het voorbereidende werk voor iDEAL is al in 2003 begonnen. Vervolgens hebben we het initiatief verbreed en ook ABN Amro erbij gepakt. Nadrukkelijk wordt deelname van de overige banken, zoals Fortis, SNS Bank, de Bank Nederlandse Gemeenten, Frisia et cetera niet uitgesloten." Met andere banken die interesse hebben getoond om aan iDEAL mee te doen worden nog gesprekken gevoerd.
iDEAL sluit aan op de bestaande systemen van de banken voor online-bankieren, die gekoppeld zijn aan bestaande bank- en girorekeningen. Daardoor zijn de ontwikkelingskosten van iDEAL volgens Peekel ‘veel geringer’ dan bijvoorbeeld voor de Chipknip, waarbij de banken miljoenen nieuwe kaarten moesten uitzetten. De ontwikkelingskosten worden weliswaar gedeeld, maar wat de implementatie betreft moet elke bank zijn eigen business case maken.

Vertrouwd
In het kort werkt iDEAL als volgt. Een consument zoekt bij een webwinkel een bepaald product uit. Vervolgens kan hij op de site zijn eigen bank selecteren in een dropdownmenu. Na het selecteren van bijvoorbeeld de Postbank komt de gebruiker in de vertrouwde online-omgeving van die bank terecht, waar hij op de gebruikelijke manier inlogt en de transactie autoriseert door middel van een TAN-code. Een klant van bijvoorbeeld de Rabobank zal op dit punt zijn Digipas, een calculator-achtig token dat automatisch codes genereert, gebruiken. Hierna gaat een transactiebericht naar de winkelier, die op zijn beurt een orderbevestiging aan de klant verstuurt.
Eens gekocht, blijft gekocht. Een betaling met iDEAL kan niet binnen het systeem zelf worden teruggedraaid. Bij problemen en klachten zal de klant moeten reclameren bij de ‘merchant’ (winkelier) zelf.
Net als I-Pay is iDEAL vooralsnog alleen geschikt voor binnenlands gebruik. Wie er boeken en CD’s bij Amazon.com mee denkt te kunnen betalen, komt dus bedrogen uit. Peekel: "Onze eerste zorg is de Nederlandse situatie. Consumenten besteden maar een beperkt bedrag online in het buitenland. Het concept biedt in principe wel de mogelijkheid tot implementatie door banken in andere landen. Alleen het achterliggende girale systeem is specifiek voor Nederland."
Winkeliers zullen bij de implementatie van iDEAL rekening moeten houden met de aansluiting op hun backoffice-systemen. Dat kunnen ze op verschillende manieren doen: door zelf iDEAL in hun website in te bouwen, door de werken met een internetkassa of plug-in van hun eigen bank, of via een payment service provider als Ogone, TripleDeal, Twyp of Bibit.

Uitgesteld
Het was oorspronkelijk de bedoeling dat iDEAL deze zomer al voor de consument beschikbaar zou komen, maar de grootschalige introductie is uitgesteld. Het streven is om iDEAL na de zomervakantie te introduceren. Dat is nog wel ruim op tijd voor aankopen voorafgaand aan de feestdagen van december.
Wel vinden deze zomer de laatste tests met productiesystemen plaats en de zogenaamde zachte lancering van iDEAL, wel met productiesystemen maar nog zonder echte eindgebruikers. Volgens Peekel had het weinig zin om middenin de vakantieperiode met de uitrol te beginnen.
Binnen het concept van iDEAL bestaan twee soorten dienstverlening: die van een bank (‘issuer’) aan zijn particuliere rekeninghouders, en van een bank (‘acquirer’) aan zijn zakelijke klanten, in dit geval de internetwinkels. Issuer en acquirer moeten onderling afspraken maken over het doorsluizen van de betalingen. De verwachting is dat alle banken zo’n deal met elkaar zullen sluiten.
Het onder de aandacht brengen van het nieuwe systeem bij de winkeliers is inmiddels begonnen. "Ze staan al in de rij", weet Peekel. In het najaar zal een gezamenlijke campagne, gericht op de consument, worden gevoerd. Daarvoor is een beperkt budget beschikbaar, aldus Peekel. Voor het overige zullen de individuele banken zelf publiekscampagnes voeren.

Tarieven
Een heet hangijzer lijken nog de tarieven van iDEAL te vormen. De mededingingsregels verbieden dat de banken op dit punt één front maken. Peekel zegt het ‘spannend’ te vinden hoe het tarief zal worden gezet. Hij wijst op de voordelen van iDEAL voor de winkelier en dan met name op de betaalgarantie, maar erkent dat de consument nu bij veel online-aankopen vooruitbetaalt zodat de winkelier ook dan gegarandeerd zijn geld krijgt.
Directeur Jongen van Thuiswinkel.org maakt zich zorgen over de tariefstelling. "Tot nu toe is het onduidelijk wat de banken willen. Ze moeten geen rigide systeem bedenken. Wij hebben gepleit voor flexibele prijsafspraken tussen onze leden en hun bank. Voor het ene lid kan een percentage of staffel goed werken, een ander zal een vast bedrag per transactie willen of een kwantumkorting." Jongen acht het onmogelijk de kosten door te berekenen aan de consument. "Wel moet je de consument laten zien welke betaalvormen duurder zijn dan andere."

Van een heel ander karakter dan iDEAL is Bill, een dit voorjaar gelanceerd initiatief van SNS Bank. Het lijkt strijdig met het streven naar standaardisatie dat een bank anno 2005 nog met een eigen online-betaalsysteem komt. Woordvoerster Mia Schaafsma haast zich om die indruk te corrigeren. Bill stelt namelijk niet de functionaliteit centraal maar de doelgroep, in dit geval primair jongeren van 16 tot 25 jaar. Schaafsma: "We hebben eerst gekeken naar wat mensen doen op internet. Je ziet communities, mensen die contacten leggen, in een setting van entertainment. Het is een virtuele wereld, gekenmerkt door snelheid en anonimiteit. Voor die doelgroep wilden we een marketingplatform ontwikkelen met een betaalmethode als fundament."
Zo kwam de bank al snel terecht bij MSN, de grootste community op internet met alleen al in Nederland 4,5 miljoen gebruikers. ‘Community based banking’, noemt SNS Bank het Bill-concept dan ook. Hiertoe heeft de bank met MSN in Nederland een exclusieve overeenkomst gesloten.
Bill is bij uitstek geschikt voor het verrichten van zogenaamde micropayments, bijvoorbeeld om drie SMS’jes van 8 eurocent per stuk te betalen. Het minimumbedrag is overigens 1 eurocent. iDEAL werpt relatief hoge drempels op voor dergelijke kleine betalingen, stelt hoofd formulemanagement Max Mouwen. Beide systemen bijten elkaar volgens hem dan ook absoluut niet. Schaafsma voegt hieraan toe: "De berichten als zouden wij niet aan iDEAL mee willen doen omdat we Bill hebben geïntroduceerd kloppen niet. Wij gaan allebei doen, als het aan ons ligt."
Bill is gebaseerd op het prepaid-principe, waarbij de gebruiker vooraf een bepaald bedrag - minimaal 1 euro, maximaal 500 euro - overmaakt naar een speciale Bill-rekening. Volgens Mouwen is noodgedwongen voor prepaid gekozen omdat binnen het girale systeem van de Nederlandse banken geen mogelijkheid bestaat voor realtime uitwisseling van transacties. Een Bill-account is altijd gekoppeld aan een tegenrekening bij een willekeurige bank, dat wil zeggen de eigen bank- of girorekening (tegenrekening) van de gebruiker.
Vervolgens is het mogelijk aankopen te doen bij webshops. Daar zijn voor de consument geen transactiekosten aan verbonden. Bill-klanten kunnen ook geld aan medegebruikers (‘Bill-buddies’) overmaken; dat kost 3 eurocent per transactie. De inkomsten voor SNS Bank zitten echter hoofdzakelijk aan de kant van de retailer. Webshops betalen 10 procent van het aankoopbedrag (minimaal 10 eurocent, maximaal 60 cent). Bill inzetten als marketingplatform is voor de webshops gratis.
Bill beperkt zich vooralsnog tot webshops die hun internetkassa hebben uitbesteed aan de payment service providers Ogone en TripleDeal. Daarmee vallen webwinkels als Bol.com en Wehkamp.nl, die hun eigen internetkassa hebben, voorlopig buiten de boot. Schaafsma: "Het is een kwestie van prioriteit. Ogone en TripleDeal bestrijken 75 tot 80 procent van de Nederlandse webwinkels. Voor hen is het technisch gezien heel eenvoudig om Bill te activeren. We denken wel in de loop van dit jaar ook individuele webshops te gaan aansluiten."
SNS Bank mikt op een kleine honderdduizend Bill-gebruikers tegen het einde van dit jaar. Schaafsma baseert deze verwachting op de geplande acties in samenwerking met partners, die de gebruikers allerlei aanbiedingen zullen doen. Zo gaat organisatiebureau Mojo via Bill concerttickets verkopen. Verder is SNS Bank in gesprek met aanbieders van online-gaming en video-on-demand. Nog weer andere partners leveren sms-berichten (SMS City) of prepaid-beltegoeden (Opwaarderen.nl).

Grensverleggend
Voor de technische ontwikkeling van Bill heeft de IT-afdeling van SNS Bank samengewerkt met LogicaCMG. Media Republic tekende voor de vormgeving. In het programma MSN Messenger is ten behoeve van Bill een extra tabblad toegevoegd. Mouwen: "Technisch is het concept misschien kopieerbaar, maar wat we met Bill hebben gedaan is beslist grensverleggend. Het is wereldwijd de zwaarste applicatie in MSN Messenger. We hebben samen met onze partner LogicaCMG tot op het hoofdkantoor van Microsoft in Redmond gesprekken moeten voeren om dit in de lucht te krijgen."
Aan de beveiliging is volgens Mouwen veel aandacht besteed. De toegang is met vier sleutels beveiligd: het MSN Passport, een zelf gekozen wachtwoord, het e-mailadres en de tegenrekening. Mouwen: "Ook al zou een hacker al die gegevens hebben, dan nog kan hij alleen geld verplaatsen naar die vaste tegenrekening." Net als voor diverse andere internetprojecten heeft SNS Bank een ‘hackersbureau’ (ITsec Security Services) ingehuurd om de beveiliging op de proef te stellen. De bancaire applicatie draait volledig in het SNS-domein, ook al zit er aan de buitenkant een MSN-sausje overheen. De aanmeldingsprocedure van nieuwe gebruikers is volledig geautomatiseerd, waarbij onder meer een controle bij het Bureau Krediet Registratie (BKR) in Tiel plaatsvindt.
 
Lees het hele artikel
Je kunt dit artikel lezen nadat je bent ingelogd. Ben je nieuw bij AG Connect, registreer je dan gratis!

Registreren

  • Direct toegang tot AGConnect.nl
  • Dagelijks een AGConnect nieuwsbrief
  • 30 dagen onbeperkte toegang tot AGConnect.nl

Ben je abonnee, maar heb je nog geen account? Laat de klantenservice je terugbellen!