Beheer

IT beheer

De ogen en oren van de beheerder

21 september 2012

Een DCIM-tool wordt gevoed met gegevens die worden verzameld in het datacentrum zelf, door een grote hoeveelheid sensoren. Uit een onderzoek van IDC blijkt dat op die manier zo’n 80 procent van de meetwaarden in een datacentrum – denk aan stroomverbruik, temperatuur of belasting van de servers – in de gaten kan worden gehouden. “Dat lijkt suboptimaal,” aldus de onderzoekers van IDC, “maar het is een weelde aan informatie in vergelijking met de meeste centra, waar de beheerder geen enkele meetwaarde tot zijn beschikking heeft.”

Het automatisch beheren van een datacentrum is een groeiend proces. “De meeste beheerders hebben er niet zoveel affiniteit mee. Ze zijn een beetje bang dat een geautomatiseerd systeem instellingen gaat aanbrengen waar ze het niet mee eens zijn”, aldus de onderzoekers van IDC. Ook de makers van beheersystemen zijn nog bezig om hun weg te vinden. Ze bouwen een tussenstuk dat de meetgegevens verzamelt en daarna doorstuurt naar een systeem zoals vCenter van vmware of Windows System Center van Microsoft.

IDC signaleert ook veel woeling in de markt voor DCIM-tools. “Bedrijven beconcurreren elkaar soms op leven en dood, er vinden overnames plaats en soms komen onverwachte samenwerkingen tot stand. Het is een marktsegment dat nog volop in beweging is”, aldus de onderzoekers. Andere bureaus zien een soortgelijke trend. Zo voorspelt Forrester dat de markt voor DCIM sterk zal groeien, wat leidt tot een penetratie van 60 procent in 2014. Twee jaar leden was die penetratie nog geen 1 procent. Gartner komt tot exact dezelfde prognose.

Verschillende technieken

Systemen voor DCIM zitten op de grens van twee werelden, namelijk de bouwkunst en de IT. “Bij de automatisering van gebouwen wordt meestal gebruik gemaakt van Modbus, een serieel protocol dat al in 1979 werd bedacht. De IT-systemen communiceren doorgaans via SNMP, het Simple Network Management Protocol”, zegt Loek Wilden, systems engineer van APC by Schneider Electric. De combinatie van die twee protocols is wat eenvoudiger geworden toen een techniek werd bedacht om Modbus-signalen over een TCP/IP-netwerk te laten lopen. Ze lopen over hetzelfde netwerk maar ze zullen toch apart verwerkt moeten worden.

DCIM kan worden gebruikt voor het simpel vergaren van informatie, het bewaken van systemen of het detecteren van acute foutsituaties. “Er zijn gebruikers die dergelijke gegevens opslaan als historisch log en er verder niets mee doen. In andere gevallen wordt DCIM gebruikt als een alarmcentrale of als een gids voor een optimale inrichting van het datacentrum. Dat laatste komt heel goed van pas als het besluit valt om te migreren naar een nieuw datacentrum. De ervaringen uit het verleden vormen dan een leidraad voor de toekomst”, zegt Wilden. Vaak wordt een dashboard gebruikt om de vele meetgegevens terug te brengen tot een overzichtelijk geheel. In één oogopslag kan de beheerder zien hoe het met zijn datacentrum gesteld is. Naast een dashboard is ook de ruimtelijke weergave van het datacentrum populair. Wilden: “Daarin wordt met kleuren aangegeven hoe warm de lucht in het datacentrum is. Eventuele hotspots zie je dan meteen en je kunt er ook meteen maatregelen tegen nemen. Ook die taak kan worden geautomatiseerd, bijvoorbeeld door een zwaarbelaste server tijdelijk te ontdoen van bepaalde taken.”

Valkuilen

Wat voor ieder gereedschap geldt is ook waar bij DCIM-hulpmiddelen; je moet er goed gebruik van maken, anders ontstaat ellende. Uit onderzoek van Schneider Electric komt een top 3 van de ergste valkuilen.

1. Je kiest de verkeerde applicatie

Door het grote aantal aanbieders is het moeilijk om de juiste tool te kiezen. Sommige zijn alleen geschikt voor het doen van bepaalde metingen, denk aan stroomverbruik of alleen de koelcapaciteit. Andere tools zijn veel breder van opzet en bieden ook beheer van energie of workflow. Met losse tools werken betekent dat de gebruiker ze aaneen moet smeden tot een zogeheten suite. Het mixen van tools van verschillende merken kan problemen opleveren omdat de tools elkaar overlappen.

Een ander facet is, dat de hardware steeds geavanceerder wordt. Servers beschikken vaak over eigen reeksen sensoren, waarmee ze hun vitale data naar buiten kunnen brengen. De beheerder hoeft dan geen eigen sensoren meer te installeren. Bij de aanschaf van tools is zeker van belang, dat er ruimte is voor uitbreiding. Een beheersysteem dat het vandaag prima doet, moet ook over een paar jaar nog bruikbaar zijn. Een modulair systeem dat eenvoudig uitbreidbaar is, verdient de voorkeur.

2. Je ziet de tools als een medicijn

Het aanleggen van een sensornetwerk en de aanschaf van beheertools zorgen er nooit voor dat een krakkemikkig datacentrum opeens gaat lopen als een zonnetje. De basis moet van te voren al gezond zijn, anders registreren de sensoren alleen maar nare meetwaarden. Let er ook op, dat de tools eenvoudig te configureren zijn. Het is van belang om van te voren te bekijken wat het DCIM-tool wel en wat het niet kan doen. Van de beheerder zal in meer of mindere mate handwerk worden verwacht. De leverancier van de tools zal best bereid zijn om de operators een cursus te geven, zodat ze optimaal met die specifieke tool kunnen werken. Let hier vooral op de benodigde hoeveelheid menskracht. Een tool waar continu twee mensen of meer voor aanwezig moeten zijn is wellicht een slechtere keus.

3. Je denkt dat de tools alles opknappen

De rol van de mens wordt nooit overbodig en bij gebruik van DCIM zal er altijd iemand moeten zijn die de eindverantwoordelijkheid draagt. Het beheerproces moet een eigenaar hebben, die ingrijpt wanneer dat nodig is en ook in rustige tijden alles in de gaten houdt. Die eigenaar zal ook barrières moeten slechten, bijvoorbeeld tussen ‘het gebouw’ en ‘de apparatuur’. Vroeger waren dat gescheiden werelden, tegenwoordig worden ze steeds meer een geheel.

Het kan nodig zijn om de medewerkers van het datacentrum bij te scholen. De mensen die normaliter het onderhoud van het gebouw doen, leren dan bij over de IT-systemen. De IT’ers op hun beurt krijgen extra voorlichting over de werking van zaken zoals koeling, ventilatie, bevochtiging of juist ontvochtiging van de binnenlucht.

 
Lees het hele artikel
Je kunt dit artikel lezen nadat je bent ingelogd. Ben je nieuw bij AG Connect, registreer je dan gratis!

Registreren

  • Direct toegang tot AGConnect.nl
  • Dagelijks een AGConnect nieuwsbrief
  • 30 dagen onbeperkte toegang tot AGConnect.nl

Ben je abonnee, maar heb je nog geen account? Laat de klantenservice je terugbellen!