Management

Juridische zaken

ConflICT: Wie schrijft, die blijft

17 mei 2013

Eén van die punten is steevast de wijze van de verdeling van de verantwoordelijkheden en taken tussen leverancier en afnemer. Vooral als een project misloopt, blijken partijen opeens heel anders te denken over de vraag wie voor welke aspecten van dat project verantwoordelijk is. De afnemer wijst met de vinger naar de ingeschakelde professional; de leverancier. En de leverancier blijkt op haar beurt haar rol beperkter te hebben gezien dan eerder wellicht door de anderen werd gedacht.

Laat duidelijk zijn dat voor het welslagen van een IT-project een goede samenwerking tussen afnemer, leverancier en andere betrokkenen voorop staat en essentieel is. Zonder die goede samenwerking is de kans klein dat een project tot een goed einde kan worden gebracht.

In het beste geval bevat de overeenkomst die partijen hebben gesloten behoorlijk gedetailleerde bepalingen over wie nu precies voor welke onderdelen van het project verantwoordelijk is. Maar lang niet alle overeenkomsten zijn daar altijd even duidelijk over. En wat is de geldende norm als voorafgaand niet precies vastligt wat van partijen verwacht mag worden?

Al een fors aantal jaren geleden is hierover in de inmiddels bekend geworden zaak RBC/Brinkers een oordeel gegeven. Toen is de norm van “redelijk handelend en bekwaam automatiseringsadviseur” geïntroduceerd. Achterliggende gedachte is dat de IT-leverancier een professionele partij behoort te zijn en dat van een dergelijke professionele partij door de afnemer een bepaalde deskundigheid mag worden verwacht. De kennis van deze partij overstijgt vaak de bij de afnemer zelf aanwezige kennis. Achterliggende gedachte is ook dat van een dergelijke partij mag worden verwacht dat de aanwezige deskundigheid wordt aangewend om de afnemer van goed advies te voorzien over zijn IT-behoefte en over de invulling hiervan.

In concreto houdt die norm bijvoorbeeld in dat de leverancier bij de start van een project in beginsel een deugdelijk vooronderzoek uitvoert naar de automatiseringsbehoefte binnen het bedrijf van de afnemer. Maar ook dat de leverancier in zijn rol als adviseur de afnemer waarschuwt als deze bepaalde keuzes dreigt te gaan maken die risico’s met zich meebrengen.

We zien tot op de dag van vandaag diezelfde norm – eigenlijk min of meer ongewijzigd – met regelmaat terugkomen in rechterlijke en arbitrale uitspraken. De betreffende norm is dus nog springlevend en in de afgelopen jaren nader ingevuld in die uitspraken.

Tegelijkertijd zien we in de rechtspraak wel aandacht voor afwijkende situaties. Vooral voor situaties waarin de afnemer zelf bepaalde eisen of wensen heeft die hij – tegen het advies van de leverancier in – wil doorvoeren. Wil de afnemer te snel? Wil de afnemer het testen overslaan? Wil de afnemer te veel uitbreidingen op de standaardprogrammatuur dan redelijkerwijs verantwoord is? In al die gevallen zal de leverancier dat moeten melden en vastleggen.

Als de keuzes van de afnemer tegen het advies van de leverancier ingaan en de leverancier de afnemer verantwoordelijk wil laten zijn voor die keuzes, dan doet de leverancier er goed aan om aan dossieropbouw te doen. Hoe werkt dat in de praktijk? Door het aanschrijven van de afnemer, door het vastleggen van zijn eigen advies, door het waarschuwen voor de risico’s en door het opnemen van de expliciete keuzes van de afnemer in het verslag van de stuurgroepen. Kortom: door het waarschuwen van de opdrachtgever en het expliciet vastleggen van die waarschuwingen. Zo komen we ook bij dit soort situaties uit bij een oude tegeltjeswijsheid die erg belangrijk is, maar zeker in IT-verhoudingen doorgaans erg onderschat wordt: wie schrijft, die blijft!

 
Lees het hele artikel
Je kunt dit artikel lezen nadat je bent ingelogd. Ben je nieuw bij AG Connect, registreer je dan gratis!

Registreren

  • Direct toegang tot AGConnect.nl
  • Dagelijks een AGConnect nieuwsbrief
  • 30 dagen onbeperkte toegang tot AGConnect.nl

Ben je abonnee, maar heb je nog geen account? Neem contact met ons op!